3.20 – Het gebed

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. Een verbeterde versie van deze vertaling is verkrijgbaar in druk en als e-book. Het zal nog even duren voor alle laatste correcties ook op de website doorgevoerd zijn.

Gerrit Veldman

3.20.1 – Al het goede krijgen we van God

Uit wat ik tot nu toe behandeld heb, blijkt ons duidelijk dat de mens alle goede dingen mist en leeg is. Alle hulpmiddelen om...

3.20.2 – Bidden is een gesprek tussen mensen en God

Door te bidden krijgen we dus toegang tot de rijkdommen die voor ons bij de hemelse Vader klaarliggen. Want gebed is een soort gesprek...

3.20.3 – Bidden is niet overbodig

‘Maar,’ zal iemand zeggen, ‘God weet toch wel hoe we in het nauw zitten en wat we nodig hebben zonder dat we het Hem...

3.20.4 – De eerste regel: al je aandacht richten op God

Welnu, om het bidden goed in te richten zoals het hoort, moet dit de eerste regel zijn: als je met God in gesprek gaat,...

3.20.5 – Geconcentreerd bidden en niet méér vragen dan God toestaat

De volgende twee dingen zijn de moeite waard om aandacht aan te schenken. In de eerste plaats moet ieder die gaat bidden zijn zinnen en...

3.20.6 – De tweede regel: alleen vragen wat je ook echt graag van God wilt krijgen

Dit moet de tweede regel zijn: als we bidden, moeten we altijd oprecht onze gebrekkigheid voelen. En in het besef dat we alles wat...

3.20.7 – Altijd blijven bidden, maar zonder te huichelen

Misschien werpt nu iemand tegen dat we er niet altijd evenveel behoefte aan hebben om te bidden. Ik erken dat. Jacobus leert ons een...

3.20.8 – De derde regel: nederigheid

Hier moet dit als derde regel bijkomen: ieder die God onder ogen komt om te bidden moet afstand doen van elke gedachte aan eigen...

3.20.9 – Bidden begint met vragen om vergeving

Kortom, de juiste manier om met bidden te beginnen en ook om je erop voor te bereiden, bestaat uit het bidden om vergeving met...

3.20.10 – Als gelovigen zich beroepen op hun rechtvaardigheid

Soms lijkt het alsof heiligen bewijs aanvoeren voor hun eigen rechtvaardigheid om God te vermurwen. Bijvoorbeeld als David zegt: ‘Bewaar mijn ziel, want ik...

3.20.11 – De vierde regel: vast vertrouwen dat God naar ons luistert

De vierde regel ten slotte is dit: ook al zijn we zo verslagen en bedwongen door echte nederigheid, toch moeten we bezield worden door...

3.20.12 – Zonder zekerheid geen vrijmoedigheid

Mijn tegenstanders denken er helemaal niet over na hoe onmisbaar dat is. Daarom denken zij dat ik iets heel absurds zeg als ik de...

3.20.13 – Een gebod en een belofte

Om te beginnen verklaart God ons juist door het gebod om te bidden schuldig aan goddeloze koppigheid als we daar niet aan gehoorzamen. Dit...

3.20.14 – We kunnen vrijmoedig bidden als we Gods belofte geloven

Het is vreemd dat het ons zo flauw of vrijwel helemaal niet raakt hoe heerlijk Gods beloften zijn. Een groot deel van de mensen...

3.20.15 – Gebeden die niet gebaseerd zijn op een bevel of belofte van God

Hier rijst meer dan één vraag. Want de Schrift vertelt dat God soms een gebed verhoord heeft dat toch voortkwam uit een hart dat...

3.20.16 – Gebeden hoeven niet volmaakt te zijn

Verder moeten we erop letten dat wat ik heb uitgelegd over de vier regels om juist te bidden niet heel erg streng geëist wordt....

3.20.17 – Christus is onze advocaat

Niemand van de mensen is het waard om God onder ogen te komen. We moeten verlost worden van zowel de schaamte als de vrees...

3.20.18 – Christus als advocaat en de offers in het Oude Testament

En we moeten er nauwkeurig op letten op welk moment Christus beveelt dat zijn leerlingen hun toevlucht moeten nemen tot zijn voorbede: nadat Hij...

3.20.19 – Christus alleen

Christus is dus de enige weg en de enige toegang waarlangs wij naar God mogen gaan. Daarom blijft er voor degenen die van deze...

3.20.20 – Christus als eeuwige hogepriester

Verder is het alleen maar geklets wat de sofisten leuteren: dat Christus middelaar is om te verlossen en de gelovigen middelaars om voorbede te...

3.20.21 – Geen voorbede door gestorven heiligen

Wat betreft de heiligen die, in hun vlees gestorven, in Christus leven: als we hun toeschrijven dat ze nog steeds bidden, moeten we ons...

3.20.22 – Bidden tot heiligen is bijgeloof en heiligschennis

En deze dwaasheid is zover gegaan, dat we daarin een duidelijk voorbeeld zien van wat nu precies bijgeloof inhoudt: als het de teugels eenmaal...

3.20.23 – De Schrift wordt verdraaid

Mijn tegenstanders proberen wel om het zo te laten lijken dat zo’n voorbede gebaseerd is op het gezag van de Schrift. Maar dat is...

3.20.24 – Geen contact tussen levenden en doden

Verder komen mijn tegenstanders met dit tegenargument: mogen we de heiligen dan beroven van alle vrome verlangens? In heel hun leven hebben ze niet...

3.20.25 – Het aanroepen van de namen van Abraham, Izak en Jacob

De andere Schriftbewijzen die mijn tegenstanders aanvoeren om deze leugen te verdedigen, verdraaien ze heel verkeerd. Maar, zeggen ze, Jacob bidt of zijn naam en...

3.20.26 – Gebeden van heiligen zijn niet beter dan die van ons

Echter, sommigen worden blijkbaar beïnvloed door het feit dat je vaak leest over gebeden van heiligen die verhoord werden. Waarom werden ze verhoord? Omdat...

3.20.27 – Samenvatting

Een korte samenvatting. Als belangrijkste onderdeel van het dienen van God, prijst de Schrift ons het aanroepen van Hem aan. Deze plicht van vroomheid...

3.20.28 – Bidden en danken

Het gebed beperkt zich eigenlijk tot wensen en verzoeken. Maar toch is bidden zo verwant aan danken dat we ze prima onder één noemer...

3.20.29 – Bidden in het openbaar

Nu slaat dit continu blijven bidden vooral op ieders eigen en persoonlijke gebeden. Toch raakt het ook wel een beetje de openbare gebeden van...

3.20.30 – Kerkgebouwen

God beveelt door zijn Woord dus dat de gelovigen samen bidden. Daarom moeten er ook openbare kerkgebouwen bestemd zijn voor het houden van die...

3.20.31 – Samen hardop bidden en zingen

Hieruit blijkt bovendien overduidelijk dat hardop spreken of zingen, als dat in het gebed voorkomt, geen enkele waarde heeft als dat niet voortkomt uit...

3.20.32 – Zingen is goed

In het voorbijgaan: het staat vast dat het al een oude gewoonte is om in de kerk te zingen. Maar dat niet alleen. Ook...

3.20.33 – Bidden in de volkstaal

En daaruit blijkt ook duidelijk dat de openbare gebeden bij Latijn-sprekenden niet in het Grieks uitgesproken moeten worden en bij de Fransen en Engelsen...

3.20.34 – Het Onze Vader

Nu moeten we niet alleen de betrouwbaarste manier van bidden leren, maar ook de vorm zelf: de vorm die de hemelse Vader aan ons...

3.20.35 – Indeling

Deze formule of deze richtlijn voor het gebed bestaat uit zes beden. Ik sluit me niet aan bij degenen die het gebed willen verdelen...

3.20.36 – ‘Onze Vader’

Meteen al bij het begin komen we tegen wat ik eerder gezegd heb: elk gebed tot God kunnen we alleen maar tot Hem richten...

3.20.37 – Wij zijn Gods kinderen

En we moeten niet aanvoeren dat we terecht afgeschrikt woorden door het besef van onze zonden. Ook al is onze Vader welwillend en zachtmoedig,...

3.20.38 – Wij zijn samen leden van hetzelfde gezin

Echter, ons wordt niet geleerd om God ieder voor zich ‘mijn Vader’ te noemen. We moeten Hem juist samen ‘onze Vader’ noemen. Daardoor worden...

3.20.39 – Bidden voor specifieke personen

Maar dat verhindert niet dat we specifiek voor onszelf en voor bepaalde anderen mogen bidden. Als we ons hart maar gericht houden op deze...

3.20.40 – ‘In de hemel’

Er wordt aan toegevoegd dat God in de hemel is. Mattheüs 6:9 Daaruit moeten we niet meteen concluderen dat Hij door de omtrek van...

3.20.41 – De eerste bede

De eerste bede is of Gods naam geheiligd mag worden. Mattheüs 6:9 En de noodzaak van deze wens hangt samen met onze grote schande....

3.20.42 – De tweede bede

De tweede bede is of Gods koninkrijk mag komen. Mattheüs 6:10 Weliswaar bevat deze bede niets nieuws. Toch wordt er niet voor niets onderscheid...

3.20.43 – De derde bede

De derde bede is of Gods wil mag gebeuren, op aarde net zoals in de hemel. Mattheüs 6:10 Deze bede heeft te maken met...

3.20.44 – De vierde bede

Nu volgt het tweede deel van het gebed. Daarin dalen we af naar wat goed is voor onszelf. Maar het is niet de bedoeling...

3.20.45 – De vijfde bede

Dan volgt: ‘Vergeef ons onze schulden.’ Mattheüs 6:12 In deze bede en in de daaropvolgende bede heeft Christus alles samengevat wat te maken heeft...

3.20.46 – De zesde bede

Zoals ik gezegd heb, correspondeert de zesde bede met de belofte die God ons gedaan heeft over het graveren van zijn wet in ons...

3.20.47 – Het slot

Met deze drie beden dragen we speciaal onszelf en alles wat van ons is aan God op. En ze laten duidelijk zien, wat ik...

3.20.48 – We mogen niets anders bidden dan het Onze Vader

Hier in deze formule hebben we voor ons alles beschreven staan wat we van God moeten of wat we zelfs maar kunnen bidden. Het...

3.20.49 – We hoeven het Onze Vader niet letterlijk te volgen

Ik wil niet dat dit opgevat wordt alsof we aan deze gebedsformule gebonden zouden zijn en er geen woord of lettergreep aan zouden mogen...

3.20.50 – Bidden op vaste tijden

Hierboven heb ik al gezegd dat je altijd met een tot God opgeheven hart moet zuchten en zonder ophouden moet bidden. Maar wij zijn...

3.20.51 – Geduldig volhouden

Als we ons hart geschikt hebben in deze gehoorzaamheid en ons laten besturen door de wetten van Gods voorzienigheid, dan kunnen we gemakkelijk volhouden...

3.20.52 – Verhoring

Maar stel dat we ook na lang wachten uiteindelijk toch niet merken dat we door te bidden iets zijn opschoten en er geen enkele...

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.