3.10.3 – Vleselijke begeerten in toom houden

0
'Een eerste teugel om onze begeerte in toom te houden is het besef dat alle dingen voor ons geschapen zijn met dit doel: dat we de gever leren kennen en dankbaar zijn goedheid tegenover ons erkennen.'

3.10.1 – Vrijheid, maar geen losbandigheid

0
'Als we slechts op doortocht zijn over de aarde, moeten we de goede dingen van de aarde natuurlijk gebruiken voor zover ze ons verder helpen en ze onze reis niet vertragen.'

3.10.6 – Tevreden zijn met je roeping

0
'Geen enkel werk is zo verachtelijk en onbeduidend dat het in Gods ogen niet schittert en als kostbaar beschouwd wordt, als je maar zijn roeping gehoorzaamt.'

3.10.5 – Geduldig gebrek lijden, beheerst genieten van overvloed

0
'Wie maar beperkte en armzalige middelen heeft, moet het gemis geduldig dragen. Dan wordt je niet gekweld door een onbeheerste begeerte naar meer. Voor wie op dit punt niet in elk geval iets geleerd heeft, is het lastig om aan te tonen dat hij een leerling van Christus is.'

3.10.2 – Genieten is Gods bedoeling

0
'God heeft voedsel niet alleen geschapen omdat we het nodig hebben, maar ook om ervan te genieten en om er vreugde aan te beleven.'

3.10.4 – Genieten moet geen hindernis worden

0
'Ook al mag de vrijheid van de gelovigen in uiterlijke zaken niet aan een specifieke norm getoetst worden, toch wordt die vrijheid beperkt door in elk geval deze wet: ze moeten zichzelf zo min mogelijk verwennen. Ze moeten dus goed oppassen dat ze van hulpmiddelen geen hindernissen maken.'