Johann Sebastian Bach – ‘Schmücke dich, o liebe Seele’ (BWV 654)

0
560

De koraalbewerking over Schmücke dich, o liebe Seele (BWV 654) van Johann Sebastian Bach, gespeeld op het orgel van de Grote of Sint-Michaëlskerk in Zwolle (via Hauptwerk).

Schmücke dich, o liebe Seele,
laß die dunkle Sündenhöhle,
komm ans helle Licht gegangen,
fange herrlich an zu prangen!
Denn der Herr, voll Heil und Gnaden,
will dich jetzt zu Gaste laden;
der den Himmel kann verwalten,
will jetzt Herberg in dir halten.

Dit avondmaalslied bezingt hoe een gelovige zich erop voorbereid om gast de zijn aan Gods tafel om daar gevoed te worden met het lichaam en bloed van Christus. Bachs bewerking is vierstemmig met de melodie vol versieringen in de sopraan. Het is een rustige, verstilde, meditatieve bewerking. De begeleidende stemmen bieden geen strenge voor-imitaties. Ze verwijzen in hun motieven wel naar de verschillende melodieregels, maar nooit heel duidelijk. Wat wel opvalt is de opening: eerst een enkele lage e in het pedaal, waarna de bas een octaaf omhoog springt en waarbij dan meteen de alt en tenor invallen met ieder hetzelfde motief, met een sext-interval ertussen. Dit motief komt het hele stuk steeds terug en legt daarmee de nadruk op het eerste woord van het lied: schmücke: versier jezelf, maak jezelf mooi. Maar dit motief laat meteen horen dat dat niet vanzelfsprekend gaat. Je doet dat bevend van ontzag en verwondering dat jij, zondaar, als gast mag stralen aan de tafel van de heilige God.

Registratie:
Rugwerk: Roerfluit 8′, Quintadena 8′, Fluit 4′, Quintfluit 3′, Sexquialtera
Hoofdwerk: Roerfluit 8′, Speelfuit 4′
Bovenpositief: Holpijp 8′
Pedaal: Subbas 16′, Octaav 8′
Hoofdwerk+Bovenpositief

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in