De koraalbewerking over In dulci jubilo (BWV 608) van Johann Sebastian Bach, gespeeld op het orgel van de Grote of Sint-Michaëlskerk in Zwolle (via Hauptwerk).

In dulci jubilo
Nun singet und seid froh!
Unsers Herzens Wonne
Liegt in praesipio,
Und leuchtet wie die Sonne
Matris in gremio,
Alpha es et O.

Een koraalbewerking over een middeleeuws kerstlied waarin Duits en Latijn door elkaar heen gebruikt worden.

De melodie klinkt in een canon in de sopraan en de tenor. Die tenorstem wordt in het pedaal gespeeld. Ik doe dat een octaaf lager met een Trompet 4′.

In de begeleiding klinken triolen: drie achtste noten op één halve melodienoot. En omdat Bach hier en daar ook kwartnoten gebruikt, zowel in de melodie als in de begeleiding, ontstaat er polyritmiek: drie achtste noten tegen twee kwartnoten. Voor Bachs tijd is dat zeldzaam en het maakt dit stuk heel lastig om te spelen.

Trouwens, ook de beide begeleidende stemmen, de alt en de bas, vormen samen een canon, hoewel minder streng en consequent.

Registratie:
Rugwerk: Octaav 8′, Quintadena 8′, Octaav 4′
Bovenpositief: Trompet 4′
Hoofdwerk+Bovenpositief, Pedaal+Hoofdwerk

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in