Een psalm van Asaf.

- O God, er zijn hier heidenen gekomen.
Uw eigendom is door hen ingenomen,
Jeruzalem verwoest, uw huis geschonden.
Niets dan een puinhoop wordt er nog gevonden.
Uw dienaars zijn gedood
en heel de stad kleurt rood.
Een grote zwerm van gieren
komt op de lijken af.
Ze blijven zonder graf,
als aas voor wilde dieren. - Voor onze buren staan we nu te schande.
Hoelang, HEER, blijft uw woedevuur nog branden?
Straf toch de volken die uw naam niet eren,
maar Jakob wreed verslinden en verteren!
Toon uw barmhartigheid!
Scheld al ons kwaad ons kwijt!
Vergeef ons onze zonden!
Haast U, voor wij vergaan!
Red ons, zodat uw naam
niet langer wordt geschonden! - Want waarom zouden heidenen nog honen:
‘Waar is die God van hen?’ Wilt U hun tonen
dat ons vergoten bloed toch wordt gewroken?
Ja, straf die heidenen voor onze ogen.
Laat ons gekerm van pijn
nu wij gevangen zijn
uw oren toch bereiken.
Hier wacht ons slechts de dood,
maar, God, uw macht is groot.
Red ons voor wij bezwijken! - Laat onze buren zevenvoudig boeten
voor alles wat wij door hen lijden moeten,
voor hoe ze U beledigen en smaden
met al hun hoon en al hun gruweldaden.
Wat zullen wij dan blij
als schapen in uw wei
U eeuwig eer bewijzen
en ook het nageslacht
zal om uw grote macht
U altijd blijven prijzen.
Deze psalmberijming is een project in uitvoering. Ik probeer regelmatig een nieuwe psalm te plaatsen, maar ik heb geen idee hoe vaak dat gaat lukken en ook niet of dit project ooit afkomt.
Psalmen zijn natuurlijk bedoeld om te zingen, dus ik heb er geen bezwaar tegen als dat gebeurt. Wel zou ik het leuk vinden om dat dan ook te weten.
En ik zou je willen vragen deze berijming niet verder te verspreiden zonder mijn toestemming en nooit zonder bronvermelding.




















