5 – De ware leer heeft niets te vrezen van de traditie

0
109

Ook met hun beroep tegenover ons op de traditie bereiken onze tegenstanders niets. Het zou voor ons heel oneerlijk zijn als we moesten buigen voor de gewoonte. Immers, als de mensen juist zouden oordelen, zouden gewoonten ontstaan naar het voorbeeld van goede mensen. Maar meestal gaat het heel anders. Als blijkt dat iets gedaan wordt door véél mensen, dan wordt het al snel een algemeen geaccepteerde gewoonte. En maar zelden pakken onder de mensen de dingen zo goed uit dat de meerderheid de juiste keuzes maakt. Op die manier is vaak een algemene dwaling ontstaan uit de individuele fouten van velen, omdat iedereen met die fouten instemde. En deze gemeenschappelijke instemming willen deze beste mensen nu als een wet beschouwen.

Maar wie ogen heeft, ziet dat de aarde overstroomd is door zeeën van slechtheid. Vele dodelijke plagen hebben de aarde aangetast en alles dreigt ten onder te gaan. Voor de mensen staan de zaken er hopeloos voor, tenzij we al dat grote kwaad met geweld de kop indrukken. Het geneesmiddel wordt echter afgewezen. De enige reden daarvoor is dat we al zo lang aan het kwaad gewend zijn.

Maar zelfs als we een openbare dwaling toestaan in de maatschappij – in het koninkrijk van God mogen we alleen luisteren naar de eeuwige waarheid en alleen daarnaar handelen. Die waarheid kan niet door een jarenlange traditie gedicteerd worden. Geen enkele gewoonte, geen enkele samenzwering kan er iets aan toe- of afdoen. Zo leerde Jesaja de uitverkorenen van God eens dat ze niet alles een samenzwering moesten noemen, waarvan het volk zei dat het een samenzwering was.1 Dat wil zeggen dat ze zich niet moesten aansluiten bij de goddeloze opvattingen waar heel het volk mee instemde. Ze moesten niet bang zijn voor het volk, maar ze moesten de Heer van de legermachten heiligen en Hem vrezen.

Laat onze tegenstanders ons dus maar zoveel voorbeelden uit heden en verleden voor de voeten werpen als ze willen. Als wij de Heer van de legermachten heiligen, zal dat ons geen angst aanjagen. Want ook al hebben de mensen vele eeuwen lang ingestemd met dezelfde goddeloosheid, Hij is sterk genoeg om wraak te nemen tot in de derde en de vierde generatie.2 Ook al spant heel de wereld tegelijk samen in hetzelfde kwaad, Hij heeft ons door ervaring geleerd hoe het afloopt met mensen die in grote aantallen zondigen. Want Hij heeft al eens eerder heel het menselijk geslacht vernietigd. Alleen Noach en zijn kleine gezin bleven behouden. Door het geloof van Noach alleen veroordeelde Hij de hele wereld.3

Een slechte gewoonte is dus niets anders dan een algemene plaag. De mensen vallen daarbij in grote aantallen, maar komen evengoed om. Ze zouden hierbij eens moeten overwegen wat Cyprianus ergens zegt: als je zondigt uit onwetendheid, kun je je niet van alle schuld vrijpleiten. Maar in een bepaald opzicht lijk je je toch te kunnen verontschuldigen. Sla je echter de eeuwige waarheid af, die God je in zijn goedheid aanbiedt, dan heb je niets dat je als excuus kunt gebruiken.4

1Jesaja 8:12

2Exodus 20:5

3Hebreeën 11:7

4Cyprianus, Epistulae 58,17 en 58,13

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in