4.5.11 – Bisschoppen en parochiepriesters

0
78

De bisschoppen en de bestuurders van de parochies zijn nu nog over. Och, deden die nu maar hun best om bij hun taak te blijven! Want ik geef hun graag toe dat ze een vrome en geweldige taak hebben. Als ze die maar uitvoerden! Maar de kerken die hun zijn toevertrouwd, verlaten ze. De zorg ervoor schuiven ze af op anderen. Maar toch willen ze beschouwd worden als herders. Daarom doen ze net alsof de taak van een herder bestaat uit nietsdoen.

Stel dat een rentenier, die nooit een voet buiten de stad zet, zich uitgeeft voor een landbouwer of wijnboer. Stel dat een soldaat, die altijd op het slagveld of in de legerplaats verbleven heeft en nooit een rechtszaal of boeken gezien heeft, zich uitgeeft voor een jurist. Wie zou zo’n afschuwelijke dwaasheid kunnen verdragen?

Maar wat deze mensen doen is nog veel absurder. Ze doen alsof ze wettige herders van de kerk zijn en willen zo genoemd worden. Maar ze willen het niet zijn! Want hoe weinigen van hen houden zelfs maar de schijn op dat ze hun kerk regeren. Heel velen verslinden hun leven lang de inkomsten van kerken die ze zelfs nooit eens bezoeken om ze te inspecteren. Anderen komen één keer per jaar zelf, of ze sturen een rentmeester, om te voorkomen dat er iets van de pacht verloren zou gaan.

Toen dit bederf begon op te komen, hebben degenen die wilden genieten van nietsdoen, zich vrijgemaakt door privileges. Nu komt het nog maar zelden voor dat iemand bij zijn kerk woont. Want zij beschouwen kerken als landgoederen. De leiding daarover geven ze aan hun plaatsvervangers als rentmeesters of pachtboeren. Maar het is zelfs in strijd met de natuur dat iemand die nooit een schaap gezien heeft, de herder van een kudde zou zijn!

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in