Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.3 – Leraren en dienaren 4.3.12 – Wie moeten er uitgekozen worden als dienaren en hoe moet dat gebeuren?

4.3.12 – Wie moeten er uitgekozen worden als dienaren en hoe moet dat gebeuren?

Er zijn twee passages waar Paulus uitgebreid leert wat voor opzieners we moeten kiezen. Titus 1:7-9; 1 Timotheüs 3:1-13 In de kern komt het hierop neer: er mogen alleen opzieners gekozen worden die gezond zijn qua leer en heilig qua levenswandel. Ze mogen niet bekend staan om een gebrek dat hun gezag zou ondermijnen en hun bediening te schande zou maken. Voor diakenen en ouderlingen geldt hetzelfde. We moeten er altijd op letten dat ze niet ongeschikt of onbekwaam zijn om de last te dragen die hun wordt opgelegd. Oftewel, dat ze voorzien zijn van de vermogens die nodig zijn om hun taak te vervullen.

Daarom heeft Christus, toen Hij op het punt stond de apostelen uit te zenden, hen voorzien van de wapens en de instrumenten waar ze niet zonder konden. En Paulus tekent eerst hoe een goede en echte opziener eruitziet. Vervolgens waarschuwt hij Timotheüs dat hij zich niet moet besmetten door iemand te kiezen die niet aan dat beeld voldoet. 1 Timotheüs 5:22

Het tweede punt is hoe ze gekozen moeten worden. Daarmee bedoel ik niet de manier van uitkiezen, maar de religieuze vrees waarmee het uitkiezen moet gebeuren. Vandaar dat de gelovigen vastten en baden als ze ouderlingen gingen kiezen. Lucas vertelt dat. Handelingen 14:23 Want ze begrepen dat ze iets heel serieus gingen doen. Daarom durfden ze niets beginnen zonder de grootst mogelijke eerbied en zorgvuldigheid. Maar ze baden vooral of God hun de Geest van advies en onderscheiding wilde geven.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.