4.20.24 – Ook slechte overheden erkennen

0
59

Tot nog toe heb ik een overheid beschreven die daadwerkelijk is wat zij genoemd wordt: een vorst die een vader des vaderlands is en – zoals een dichter zegt – een herder voor zijn volk, een bewaker van de vrede, een beschermer van rechtvaardigheid en een verdediger van onschuld. Wie niet blij is met zo’n regering zou je terecht als een dwaas moeten beschouwen.

Maar bijna alle eeuwen laten zien dat sommige vorsten zich niet druk maken om al die dingen waar ze ijverig voor zouden moeten zorgen, maar zorgeloos genieten van het leven. Andere vorsten zijn zo gericht op eigen voordeel, dat ze alle rechten, privileges, rechterlijke uitspraken en aanbevelingsbrieven te koop aan bieden. Weer anderen beroven het arme volk van geld om dat vervolgens dwaas te verkwisten. Nog weer anderen bedrijven enkel straatroof: ze plunderen huizen, randen maagden en getrouwde vrouwen aan en doden onschuldigen.

Velen kunnen er daarom niet van overtuigd worden dat je zulke vorsten moet erkennen. Zo’n onwaardige houding en zulke schanddaden passen niet alleen slecht bij de plicht van de overheid, maar ook van elk mens. Daarom zien zij daarin niet Gods beeld terug dat in de overheid hoort te schitteren. Ze zien er geen enkel spoor in van een dienaar van God die gegeven is om goeden te prijzen en slechten te straffen.1 En dus erkennen ze hem ook niet als een vorst wiens waardigheid en gezag bij ons wordt aangeprezen door de Schrift. En natuurlijk is in het hart van mensen de neiging ingeplant om tirannen even sterk te haten en te verafschuwen als ze wettige koningen liefhebben en eren.

11 Petrus 2:14

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in