4.2.12 – De paus als antichrist

0
142

Ik wil de pausgezinden dus niet simpelweg de benaming ‘kerk’ toestaan. Toch ontken ik daarom niet dat er bij hen kerken zijn. Maar ik ga alleen de discussie aan over de ware en wettige ordening van de kerk. Die vind je niet alleen in de gemeenschap van de sacramenten – de tekenen van de belijdenis – maar vooral ook in de gemeenschap van de leer.

Daniël en Paulus hebben voorspeld dat de antichrist in Gods tempel zou zitten.1 Volgens mij is de paus van Rome de leider en aanvoerder van dat slechte en afschuwelijke rijk, in elk geval in de kerk in het Westen. Dat zijn zetel in Gods tempel geplaatst wordt, geeft aan dat zijn rijk de naam van Christus niet teniet kan doen en evenmin de naam van de kerk. Dat laat dus zien dat wij zeker niet ontkennen dat er ook onder zijn tirannie kerken blijven. Maar dan kerken die hij met zijn heiligschennende goddeloosheid ontheiligd, door een onmenselijke overheersing onderdrukt en door slechte en levensgevaarlijke dogma’s, als door gifdranken, bedorven en haast gedood heeft. Kerken waarin Christus half begraven en verborgen, het evangelie verduisterd, de vroomheid verdreven en de dienst aan God haast vernietigd is. In één woord, kerken waarin alles zo in verwarring is dat je daar eerder het gezicht ziet van Babel dan van Gods heilige stad.

Kortom, ik noem dat kerken voorzover de Heer de restanten van zijn volk, hoe jammerlijk verstrooid en uiteengejaagd ook, daar op een wonderlijke manier bewaart. En voorzover daar nog enkele kenmerken van de kerk blijven bestaan: vooral de kenmerken waar de duivel met zijn listen en de mensen in hun boosaardigheid de kracht niet van kunnen vernietigen. Maar de kenmerken waar we bij deze uitleg het meest op moeten letten, zijn daar wel vernield. Daarom zeg ik dat van het pausdom elke vergadering en ook het geheel van het lichaam de wettige vorm van kerk mist.

1Daniël 9:27; 2 Thessalonicenzen 2:4

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in