4.17.7 – Het mysterie van het avondmaal

0
90

Er zijn ook mensen die wel erkennen dat we deel hebben aan Christus. Maar als ze willen laten zien wat dat inhoudt, laten ze ons alleen delen in zijn Geest. Zijn vlees en bloed noemen ze dan niet. Ook daar kan ik niet tevreden mee zijn. Alsof dit allemaal voor niets gezegd wordt: dat Christus’ vlees echt voedsel is en dat zijn bloed echt drinken is, dat niemand het leven heeft behalve wie Christus’ vlees eet en zijn bloed drinkt en wat daar nog meer op slaat.1

Dus als het vaststaat dat het volle deelhebben aan Christus verder gaat dan hun beschrijven – die is veel te beperkt – zal ik eerst met enkele woorden aangeven hoever dat deelhebben gaat. Pas daarna ga ik het hebben over de fout van de genen die weer te ver in de tegenovergestelde richting. Die leraars overdrijven zo dat ze in hun domheid een absurde manier van eten en drinken verzinnen. Ze beroven Christus zelfs van zijn vlees en veranderen Hem in een hersenschim. Daar moet ik een langer uitleg over geven.

Als je zo’n groot mysterie tenminste in woorden kunt uitdrukken. Ik merk dat ik het met mijn verstand niet eens voldoende kan begrijpen. Ik beken dat graag, om te voorkomen dat iemand de diepte van dit mysterie afmeet aan de kleine maat van mijn kinderlijkheid. Sterker nog, ik spoor de lezers juist aan dat ze hun gedachten en verstand niet tot deze nauwe grenzen beperkt houden. Nee, ze moeten juist proberen hoger te reiken dan ze onder mijn leiding kunnen. Want telkens als het over dit mysterie gaat en ik geprobeerd heb alles te zeggen, vind ik zelf dat ik nog te weinig gezegd heb om er recht aan te doen. Weliswaar kan de geest meer bedenken dan de tong kan uitdrukken. Maar toch wordt ook de geest overwonnen en overstelpt door de omvang van dit mysterie.

Uiteindelijk zit er dus niets anders op dan dat ik uitbreek in bewondering over dit mysterie dat het verstand niet kan overdenken en de tong niet kan uitleggen. Toch zal ik de kern van mijn opvatting uitleggen, hoe gebrekkig ook. En ik vertrouw erop dat dat mensen met een vroom hart het niet zullen verwerpen. Want ik twijfel er niet aan dat mijn opvatting juist is.

1Johannes 6:53-55

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in