Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.15 – De doop 4.15.6 – De doop als teken van vereniging met Christus

4.15.6 – De doop als teken van vereniging met Christus

Ten slotte levert de doop voor ons geloof ook een betrouwbaar getuigenis op dat we niet alleen zijn geënt in Christus’ dood en leven, maar ook zo één zijn met Christus zelf dat we deel hebben aan al zijn zegeningen. Want Hij heeft de doop in zijn eigen lichaam gewijd en geheiligd. Hij is dus net als wij gedoopt, Mattheüs 3:13 zodat die doop een heel sterke band is van de eenheid en gemeenschap die Hij met ons wilde aangaan. Op basis daarvan bewijst Paulus dat wij Gods kinderen zijn omdat wij in de doop Christus aangetrokken hebben. Galaten 3:26-27 We zien dus dat de vervulling van de doop in Christus ligt. Daarom noemen we Hem het eigenlijke object van de doop. Het is daarom geen wonder dat er wordt verteld dat de apostelen doopten in zijn naam, Handelingen 8:16; 19:5 ook al hadden ze ook het bevel gekregen om te dopen in de naam van de Vader en van de Geest. Mattheüs 28:19 Want alle gaven van God die in de doop gepresenteerd worden, zijn alleen te vinden in Christus.

Toch is het onmogelijk dat iemand die in Christus doopt, niet tegelijk ook de naam van de Vader en van de Geest zou aanroepen. Want we worden door Christus’ bloed gereinigd omdat de barmhartige Vader ons volgens zijn weergaloze welwillendheid in genade wil aannemen en daarom deze middelaar tussenbeide gesteld heeft. Hij moet bij de Vader genade voor ons verwerven. En Christus’ dood en opstanding leveren ons pas de nieuwe geboorte op als wij door de Geest geheiligd zijn en vervuld worden met een nieuwe, geestelijke natuur. Daarom krijgen wij en, in zekere zin, onderscheiden wij de oorzaak van onze reiniging en onze nieuwe geboorte in de Vader, de materie in de Zoon en de uitvoering in de Geest. Zo heeft eerst Johannes de Doper gedoopt en daarna de apostelen met een doop van berouw voor vergeving van zonden. Mattheüs 3:6-11; Lucas 3:16; Johannes 3:23; 4:1; Handelingen 2:38-41 En met het woord ‘berouw’ bedoelden ze zo’n nieuwe geboorte en met ‘vergeving van zonden’ de afwassing.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.