4.15.19 – Het doopritueel

Als ik me niet vergis moeten de waardigheid, het nut en het doel van dit mysterie nu voldoende duidelijk zijn. Wat betreft het zichtbare symbool: ach, had de juiste instelling van Christus maar voldoende kracht gehad om de overmoed van de mensen te bedwingen! Want men doet net alsof het iets verachtelijks is om volgens Christus’ gebod gedoopt te worden met water. Daarom heeft men een zegenspreuk – of beter: een toverformule – bedacht die de echte heiliging met water besmeurde. Later is er nog een waskaars met zalf aan toegevoegd en dacht men dat het uitblazen de duivel verjoeg en de deur opende voor de doop.

Nu weet ik heel goed hoe oud de oorsprong is van deze mengelmoes van toevoegingen. Maar toch is het mij en alle vromen toegestaan om alles af te wijzen wat mensen hebben durven toevoegen aan wat Christus heeft ingesteld. Maar toen Satan zag dat dankzij de lichtgelovigheid van de wereld zijn vormen van bedrog al bij het begin van het evangelie haast zonder moeite werden geaccepteerd, ging hij verder met grovere bespottingen. Als gevolg daarvan zijn er met een tomeloze overmoed speeksels en meer van zulke onzin ingevoerd om de doop openlijk te bespotten. Die ervaringen moeten ons leren dat niets heiliger, beter of veiliger is dan tevreden zijn met Christus’ gezag alleen.

Het zou dus veel beter zijn als men al die toneelvoorstellingen zou loslaten, die de ogen van de eenvoudigen verblinden en hun geest afstompen, en als men iemand die gedoopt moet worden, zou presenteren in de vergadering van de gelovigen en hem aan God zou aanbieden, terwijl heel de kerk als het ware als getuige toekijkt en voor hem bidt. Als men de belijdenis voorlas van het geloof waarin hij moet worden onderwezen, de beloften opnoemde die de doop bevat, de catechumeen doopte in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest Mattheüs 28:19 en hem ten slotte met gebed en dankzegging liet gaan. Dan zou men niets weglaten van wat er toe doet. En dat ene ritueel dat van God afkomstig is, zou heel helder schitteren doordat het niet bedolven zou worden onder vuile dingen van buitenaf.

Verder is het van geen enkel belang of degene die gedoopt wordt volledig wordt ondergedompeld – en of dat driemaal of tweemaal gebeurt – of dat hij alleen maar met water besprenkeld wordt. Nee, daar moeten de kerken vrij in blijven, in overeenstemming met regionale verschillen. Want zowel het een als het ander maakt het teken zichtbaar. Ook al betekent het woord baptizoo ‘onderdompelen’ en staat het vast dat de oude kerk zich hield aan het ritueel van onderdompelen.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.