Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.15 – De doop 4.15.17 – De doop is niet waardeloos zolang we nog niet tot bekering komen

4.15.17 – De doop is niet waardeloos zolang we nog niet tot bekering komen

Verder vragen de wederdopers ons wat voor geloof er enkele jaren lang op onze doop volgde. Op basis daarvan willen ze ons bewijzen dat onze doop ongeldig is, omdat de doop alleen bij ons geheiligd wordt als we het woord van de belofte gelovig aannemen. Mijn antwoord daarop is dat we de belofte die we in de doop kregen weliswaar lange tijd niet kenden, dankzij onze blindheid en ongeloof. Maar toch bleef de belofte zelf altijd vast, krachtig en betrouwbaar. Want het was Gods belofte. Al zouden alle mensen onbetrouwbare leugenaars zijn, toch blijft God betrouwbaar. Romeinen 3:3 Al zouden alle mensen verloren gaan, toch blijft Christus de redding.

Ik geef dus toe dat we niets aan de doop gehad hebben zolang we de belofte die ons in de doop werd aangeboden ongebruikt lieten liggen. Zonder die belofte heeft de doop geen betekenis. Maar we hebben dankzij Gods genade berouw gekregen. Nu klagen we onszelf aan om onze blindheid en harde hart, omdat we zolang ondankbaar geweest zijn tegenover Gods grote goedheid.

Maar we geloven niet dat de belofte zelf verdwenen is. Nee, we bedenken juist dat God door de doop vergeving van zonden belooft en dat Hij die belofte ongetwijfeld zal nakomen voor ieder die gelooft. Die belofte is ons in de doop aangeboden. Laten we die dus met geloof omhelzen! Weliswaar was die belofte vanwege ons ongeloof lange tijd begraven. Maar laten we die nu met geloof aannemen!

Als de Heer het Joodse volk uitnodigt tot berouw, beveelt Hij hun daarom niets over een tweede besnijdenis, al waren ze – ik heb dat al gezegd – besneden door een goddeloze en heiligschennende hand en hadden ze een tijd lang geleefd verstrikt in dezelfde goddeloosheid. Nee, Hij dringt alleen aan op bekering van hun hart. Want ook al hadden zij het verbond geschonden, toch bleef het symbool van het verbond steeds krachtig en onschendbaar, zoals de Heer het had ingesteld. Berouw was dus de enige voorwaarde waarop ze opnieuw werden opgenomen in het verbond dat God eenmaal met hen in de besnijdenis gesloten had. Echter, zij hadden die besnijdenis gekregen uit de hand van een verbondsbrekende priester en vervolgens hadden ze die, voor zover zij dat konden, bezoedeld en het effect ervan gedoofd.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.

FunctionalOur website uses functional cookies. These cookies are necessary to let our website work.

AnalyticalOur website uses analytical cookies to make it possible to analyze our website and optimize for the purpose of a.o. the usability.

Social mediaOur website places social media cookies to show you 3rd party content like YouTube and FaceBook. These cookies may track your personal data.

AdvertisingOur website places advertising cookies to show you 3rd party advertisements based on your interests. These cookies may track your personal data.

OtherOur website places 3rd party cookies from other 3rd party services which aren't Analytical, Social media or Advertising.