Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.14 – De sacramenten 4.14.24 – Paulus over besnijdenis en doop

4.14.24 – Paulus over besnijdenis en doop

Maar daar brengen de scholastici vast tegen in wat je bij Paulus leest over de besnijdenis van de letter: die betekent niets voor God, die levert niets op en is zinloos. Romeinen 2:25-29; 1 Korinthiërs 7:19; Galaten 5:6; 6:15 Het lijkt inderdaad dat zulke uitspraken de besnijdenis ver onder de doop plaatsen. Maar zo is het helemaal niet. Want je zou hetzelfde ook heel goed over de doop kunnen zeggen. Sterker nog, het wordt ook over de doop gezegd! In de eerste plaats door Paulus zelf, als hij laat zien dat God zich niet druk maakt om het wassen van de buitenkant, waardoor we worden ingewijd in de godsdienst, tenzij ook het hart vanbinnen gereinigd wordt en tot het eind toe rein blijft. 1 Korinthiërs 10:5 En in de tweede plaats door Petrus, als hij verklaart dat de betekenis van de doop niet ligt in het wassen van de buitenkant, maar in een goed getuigenis van het geweten. 1 Petrus 3:21

Maar ook in een andere passage lijkt Paulus de besnijdenis die met de hand gebeurt, totaal te minachten in vergelijking met de besnijdenis van Christus. Kolossenzen 2:11-12 Mijn antwoord is dat ook in deze passage niets wordt afgedaan van de waardigheid van de besnijdenis. Paulus is hier in discussie met degenen die de besnijdenis eisten als onmisbaar, ook al was die al afgeschaft. Hij waarschuwt de gelovigen dus dat ze de oude schaduwen los moeten laten en zich moeten richten op de inhoud. Hij zegt: ‘Deze leermeesters dringen erop aan dat jullie lichamen besneden worden. Maar jullie zijn geestelijk besneden in lichaam en ziel. Dus hebben jullie de inhoud zelf gekregen en die is veel beter dan de schaduw.’

Maar iemand zou hiertegen in kunnen brengen dat het feit dat ze de inhoud gekregen hadden, nog geen reden was waarom ze de vorm mochten minachten. Immers, ook de aartsvaders hadden het uittrekken van de oude mens, waar Paulus het over heeft, en toch was de uiterlijke besnijdenis voor hen niet overbodig. Maar Paulus is dit bezwaar voor. Want hij voegt er meteen aan toe dat de Kolossenzen met Christus begraven waren in de doop. Daarmee geeft hij aan dat tegenwoordig voor christenen de doop is wat de besnijdenis vroeger was. En dat de besnijdenis daarom niet kan worden opgelegd aan christenen zonder de doop onrecht te doen.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.

FunctionalOur website uses functional cookies. These cookies are necessary to let our website work.

AnalyticalOur website uses analytical cookies to make it possible to analyze our website and optimize for the purpose of a.o. the usability.

Social mediaOur website places social media cookies to show you 3rd party content like YouTube and FaceBook. These cookies may track your personal data.

AdvertisingOur website places advertising cookies to show you 3rd party advertisements based on your interests. These cookies may track your personal data.

OtherOur website places 3rd party cookies from other 3rd party services which aren't Analytical, Social media or Advertising.