Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.10 – Kerkelijke wetten 4.10.18 – De bepalingen van de roomsen zijn niet afkomstig van de apostelen

4.10.18 – De bepalingen van de roomsen zijn niet afkomstig van de apostelen

Daarom bestrijd ik de tirannie van menselijke bepalingen die ons onder het mom van ‘kerk’ hoogmoedig worden opgedrongen. Immers, ik bespot de kerk niet. Mijn tegenstanders doen dat wel. Zij komen met oneerlijke leugens om ons gehaat te maken. Maar ik ken de kerk de lof toe dat zij gehoorzaamt. En dat is de hoogste lof die zij kent. De roomsen zelf doen de kerk juist onrecht. Want zij fabriceren een kerk die zich verzet tegen de Heer. Want ze zeggen dat de kerk verdergaat dan Gods Woord haar toestaat. Om er maar van te zwijgen hoe opvallend brutaal en bovendien boosaardig het is om steeds te schreeuwen over de macht van de kerk en ondertussen te negeren wat de Heer haar bevolen heeft en welke gehoorzaamheid zij aan het gebod van de Heer verschuldigd is.

Maar wij horen graag eensgezind te zijn met de kerk. En dan heeft het meer zin dat we erop letten en ons herinneren wat de Heer de kerk gebiedt. Want dan kunnen we Hem eensgezind gehoorzamen. Er is immers geen twijfel aan dat we heel eensgezind zijn met de kerk als we in alles de Heer gehoorzaam zijn.

Verder is het enkel bedrog als je de oorsprong van de bepalingen waarmee de kerk tot nu toe onderdrukt is, terugvoert tot de apostelen. Want heel het onderwijs van de apostelen is erop gericht dat het geweten niet belast wordt met nieuwe regels waar je je aan moet houden en dat het dienen van God niet met onze uitvindingen bezoedeld wordt.

Bovendien, als we enig geloof mogen hechten aan de geschiedenisboeken en oude documenten, dan waren de apostelen niet alleen onbekend met wat de roomsen hun toeschrijven, maar hadden ze er zelfs nooit van gehoord. En nu moeten de roomsen niet kletsen dat veel van hun onderwijs niet schriftelijk overgeleverd is, maar geaccepteerd is door gebruik en gewoonte. Dat zou dan het onderwijs zijn dat ze nog niet konden begrijpen toen Christus nog leefde, maar dat ze na zijn hemelvaart geleerd hebben door de openbaring van de Heilige Geest. Johannes 16:12-13

Ik heb ergens anders al besproken hoe je deze passage moet uitleggen. Voor het onderwerp dat ik nu behandel, is dit voldoende: zij maken zich werkelijk belachelijk. Want zij verzinnen diepe mysteries die de apostelen zo lang onbekend geweest zouden zijn. Maar het zijn voor een deel Joodse of heidense rituelen. De Joodse rituelen waren de Joden al heel lang bekend en de heidense rituelen waren de heidenen al heel lang bekend. En voor een deel zijn het dwaze en zinloze ritueeltjes die domme priesters, die van toeten noch blazen weten, heel knap uitvoeren. Sterker nog, kinderen en harlekijns kunnen ze zo netjes imiteren, dat het wel lijkt alsof zij nog het meest geschikt zouden zijn als priesters voor zulke heilige handelingen!

Als er geen geschiedenisboeken waren, dan zouden mensen met gezond verstand toch uit de feiten zelf opmaken dat zo’n grote hoop rituelen en handelingen niet opeens de kerk binnengekomen is, maar dat ze stap voor stap naar binnen geslopen zijn. De meer heilige bisschoppen, die qua tijd het dichtst bij de apostelen stonden, hebben sommige dingen ingesteld die te maken hadden met orde en tucht. Daarna kwamen mensen, de een na de ander, die niet voldoende bezonnen waren, maar zich overal te veel mee wilden bemoeien. Van hen ging de een na de ander een wedstrijd aan met zijn voorgangers – hoe later hij leefde, hoe dwazer hij zich inspande – om hen te overtreffen in het bedenken van nieuwe dingen. Natuurlijk bestond het risico dat de verzinsels waarmee ze beroemd probeerden te worden bij het nageslacht, al snel weer in onbruik zouden raken. Daarom eisten zij extra streng dat men zich eraan hield. Deze verkeerde ijver heeft ons een groot deel van hun rituelen opgeleverd, die de roomsen ons opdringen als bepalingen van de apostelen. En dat blijkt ook uit de geschiedenisboeken.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.