4.1.27 – Gods genade voor afvallige kerken

0
110

Ja, zelfs zijn soms hele kerken in beslag genomen door heel zware zonden. Toch heeft Paulus ze liever genadig losgemaakt dan ze te vervloeken. De afval van de Galaten was geen onbeduidende misdaad. De Korinthiërs waren nog minder te verontschuldigen, omdat ze nog meer en zeker geen lichtere misdaden bedreven. Toch worden ze geen van beiden van Gods barmhartigheid uitgesloten. Sterker nog, juist zij die meer dan anderen door onreinheid, overspel en onkuisheid hadden gezondigd, worden uitdrukkelijk uitgenodigd tot bekering.1

Want het verbond van de Heer blijft en zal voor eeuwig ongeschonden blijven. Hij heeft dat verbond gesloten met Christus, de ware Salomo, en met zijn ledematen met deze woorden: ‘Als zijn kinderen mijn wet verlaten en niet leven volgens mijn verordeningen, als zij mijn bepalingen ontheiligen en zich niet aan mijn geboden houden, dan zal Ik hen hun overtredingen met de roede vergelden en hun onrechtvaardigheid met plagen. Maar mijn goedertierenheid zal Ik niet van hen wegnemen.’2

Ten slotte worden we er zelfs door de volgorde van de artikelen van de apostolische geloofsbelijdenis aan herinnerd dat de vergeving van zonden eeuwig een plaats houdt in Christus’ kerk. Want als, zeg maar, de kerk is vastgesteld, wordt daar vervolgens de vergeving van zonden aan toegevoegd.

12 Korinthiërs 12:21

2Psalm 89:31-34

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in