4.1.24 – Voorbeelden uit de Schrift van heiligen die zondigen

0
153

En om haast bij de eerste kinderjaren van de kerk te beginnen: de aartsvaders waren besneden en tot de gemeenschap van het verbond gelokt. En zonder twijfel had de ijver van hun vader hun rechtvaardigheid en zuiverheid geleerd. Toch spanden ze samen om hun broer te vermoorden. Dat was een misdaad die zelfs te erg was voor de meest verdorven struikrovers. Uiteindelijk hebben ze hem, zachter gestemd door het advies van Juda, verkocht. Ook dat was onverdraaglijk onmenselijk. Simeon en Levi hebben op een afschuwelijke manier wraak genomen op de inwoners van Sichem. Zelfs hun vader veroordeelde dat. Ruben heeft het bed van zijn vader bezoedeld met zijn smerige onkuisheid. Juda geeft toe aan overspel en heeft bovendien in strijd met de natuurwetten gemeenschap met zijn schoondochter.1 En toch worden ze absoluut niet geschrapt uit het uitverkoren volk. Ze worden juist verheven tot hoofden van dat volk!

En wat deed David? Hij stond aan het hoofd van de rechtspraak. Maar met wat voor schanddaad heeft hij de weg gebaand voor zijn blinde wellust? Hij vergoot onschuldig bloed! Hij was al opnieuw geboren en tussen de opnieuw geborenen getooid met bijzondere, lovende uitspraken van de Heer. En toch heeft hij een schanddaad begaan die zelfs voor de heidenen weerzinwekkend was. En toch kreeg hij vergeving.2

En om niet langer bij specifieke voorbeelden stil te staan: zo veel beloften van Gods barmhartigheid van de Israëlieten als er in de wet en de profeten staan, zo vaak bewijst de Heer dat Hij vergevingsgezind is tegenover de misdaden van zijn volk. Want wat belooft Mozes dat er zal gebeuren als het volk tot afval is gekomen, maar daarna tot de Heer terugkeert? ‘God zal jou terugbrengen uit gevangenschap en zich over jou ontfermen. Hij zal jou bijeenbrengen uit de volken waarheen je verstrooid bent. Al was je tot het einde van de hemel verstrooid, Ik zal je daarvandaan weer verzamelen.’3

1Genesis 37:18-28; Genesis 34:25; Genesis 35:22; Genesis 38:16

22 Samuël 11:1-12:14

3Deuteronomium 30:3-4

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in