Insitutie Boek 4 – De genademiddelen 4.1 – De echte kerk 4.1.23 – We moeten elke dag om vergeving bidden

4.1.23 – We moeten elke dag om vergeving bidden

Maar die waanzinnigen over wie ik het had, proberen dit enige anker van het behoud van de kerk af te pakken. Daarom moeten de gewetens nog meer versterkt worden tegen zo’n levensgevaarlijk idee. In het verleden hebben de novatianen onrust in de kerk gebracht met dit dogma. Maar ook onze tijd kent sommigen van de wederdopers die niet veel van de novatianen verschillen en die tot dezelfde dwaasheden vervallen. Want zij verzinnen dat Gods volk in de doop opnieuw geboren wordt tot een rein leven, net als dat van de engelen. Geen enkele smerigheid van het vlees verontreinigt het. Als iemand na de doop zondigt, blijft er volgens hen niets voor hem over dan Gods onverbiddelijk oordeel. Kortom, een zondaar die na ontvangen genade valt, bieden zij geen enkele hoop op vergeving. Want ze erkennen geen andere vergeving van zonden dan die waardoor we voor het eerst opnieuw geboren worden.

Nu wordt geen enkele leugen zo duidelijk door de Schrift weerlegd. Maar toch vinden zij mensen die zich door hen laten bedriegen, net zoals ook Novatianus1 in het verleden veel volgelingen gehad heeft. Daarom moet ik toch in het kort laten zien hoe erg zij ijlen en zo zichzelf en anderen in de ondergang storten.

Om te beginnen herhalen de heiligen elke dag deze bede: ‘Vergeef ons onze schulden.’ Mattheüs 6:12 Daarmee belijden ze ongetwijfeld dat ze schuldenaars zijn. En ze bidden dit niet zomaar. Want de Heer heeft voorgeschreven dat we nooit om iets anders mogen bidden dan om wat Hij zelf zou geven. Sterker nog, Hij heeft verklaard dat heel het gebed door de Vader verhoord zou worden. Maar toch heeft hij deze kwijtschelding nog met een bijzondere belofte bezegeld. Wat willen we nog meer? De Heer eist van de heiligen dat ze hun zonden belijden. En dat nog wel continu. En Hij belooft vergeving. Wat is dat dan voor overmoed om óf te leren dat ze vrij zijn van zonde, óf hen, als ze gezondigd hebben, volledig van de genade uit te sluiten?

Bovendien, wie zijn het van wie de Heer wil dat we hen zeventig maal zevenmaal vergeven? Dat zijn toch onze broeders? Mattheüs 18:21-22 Waarom heeft Hij dit dan bevolen? Waarom anders dan om ervoor te zorgen dat we Hem zouden imiteren in zijn zachtmoedigheid? Hij vergeeft dus niet eenmaal of tweemaal, maar zo vaak zij terneergeslagen zijn door de kennis van hun misdaden en tot Hem zuchten.

1Novatianus (ca. 250), tegenpaus.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.