Insitutie Boek 3 – Het delen in Christus 3.8 – Kruisdragen 3.8.6 – Kruisdragen is een corrigerende straf voor onze zonden

3.8.6 – Kruisdragen is een corrigerende straf voor onze zonden

Daar komt bij dat onze zeer welwillende Vader het niet alleen nodig vindt om onze zwakheid voor te zijn. Hij vindt het ook nodig om vaak onze zonden te bestraffen zodat we Hem blijven gehoorzamen zoals het hoort. Telkens als we getroffen worden, moeten we dus meteen terugdenken aan ons vroegere leven. Dan zullen we ongetwijfeld zien dat we iets verkeerd gedaan hebben, waarmee we een dergelijke tuchtmaatregel verdiend hebben.

Toch moet de oproep tot geduld niet vooral gekoppeld worden aan het erkennen van onze zonden. Want de Schrift biedt iets veel beters om over na te denken. Zij zegt dat de Heer ons tuchtigt met tegenspoed om te voorkomen dat we samen met deze wereld veroordeeld worden. 1 Korinthiërs 11:32 Dus moeten we ook midden in zware verdrukkingen erkennen dat onze Vader ons barmhartig en goedgezind is. Want zelfs dan werkt Hij nog steeds aan ons behoud. Want Hij tuchtigt ons niet om ons te vernietigen of te doden, maar juist om ons te verlossen van de veroordeling van de wereld.

Als we daaraan denken, brengt dat ons bij wat de Schrift ergens anders leert: ‘Mijn zoon, verwerp de tucht van de HEER niet en voel geen weerzin als Hij je straft. Want de HEER straft wie Hij liefheeft, ja zoals een vader zijn zoon omhelst.’ Spreuken 3:11-12 Als we de roede van de Vader voelen, horen we ons dan niet juist als gehoorzame en ontvankelijke kinderen te gedragen, in plaats van koppig de goddelozen te imiteren, die verhard hun slechte daden volhouden? God vernietigt ons, tenzij Hij ons terugroept als we van Hem zijn afgeweken. Dus zegt Hij terecht dat we bastaarden zijn in plaats van zonen als we niet getuchtigd worden. Hebreeën 12:8

We zitten dus heel erg fout als we God niet kunnen verdragen als Hij ons zijn welwillendheid laat zien en zijn zorg voor ons behoud. De Schrift leert dat dit het verschil is tussen ongelovigen en gelovigen: ongelovigen worden door geselingen steeds slechter en koppiger, als slaven van een chronische slechtheid die steeds weer de kop op steekt. Maar gelovigen zijn als vrijgeboren zonen en daarom komen ze tot berouw. Nu moet jij kiezen tot welke van deze beide groepen je het liefst wilt behoren. Maar omdat ik het daarover ergens anders al gehad heb, vind ik het genoeg dat ik dit kort aangestipt heb. Daarom houd ik er nu over op.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.