3.8.4 – Kruisdragen leert ons gehoorzaamheid

0
382

De Heer heeft ook nog een andere bedoeling met het slaan van de zijnen: Hij wil hun geduld testen en hun gehoorzaamheid leren. Weliswaar kunnen ze Hem geen andere gehoorzaamheid bewijzen dan de gehoorzaamheid die Hij hun zelf gegeven heeft. Maar zo wil de Heer met onmiskenbare bewijzen duidelijk maken welke genadegaven Hij de heiligen geschonken heeft, om te voorkomen dat die in hun binnenste passief en verborgen blijven.

De Heer heeft hun de kracht en de standvastigheid gegeven om verdrukkingen te dragen. Als Hij die aan het licht brengt, wordt er gezegd dat Hij hun geduld test. Vandaar de uitspraken dat God Abraham testte en bewijs vond van diens vroomheid, omdat hij niet weigerde om zijn eigen, enige zoon te offeren. Genesis 22:1; 22:12 Daarom leert Petrus dat ons geloof getest wordt door middel van verdrukkingen, net zoals goud in een oven onderzocht wordt door vuur. 1 Petrus 1:7 En wie zou kunnen beweren dat het niet nuttig is dat de geweldige gave van geduld die een gelovige van God krijgt, tevoorschijn gehaald wordt om te gebruiken, zodat we zeker en duidelijk weten dat we die gave hebben? Immers, anders zouden mensen die gave nooit op waarde schatten. God wil niet dat de goede eigenschappen die Hij zijn gelovigen gegeven heeft, verborgen blijven in het donker en nutteloos blijven liggen en verloren gaan. Daarom geeft Hij aanleidingen om ze op te wekken. Als Hij daar goed aan doet, hebben de verdrukkingen van de heiligen een heel goede reden. Want zonder die verdrukkingen zouden ze geen geduld hebben.

Een kruis leert hun volgens mij ook gehoorzaamheid. Want door een kruis leren ze om niet te leven volgens hun eigen wensen, maar volgens Gods wil. Als voor hen alles naar wens ging, zouden ze natuurlijk niet weten wat het betekent om God te volgen. En Seneca noemt als een oude uitdrukking voor als men iemand aanspoorde om tegenspoed te dragen: ‘Volg God!’1 Daarmee gaf men aan dat een mens zich pas onderwerpt aan Gods juk als hij zijn hand en rug aanbiedt aan Gods gesel. En als het heel eerlijk is dat wij in alles de hemelse Vader gehoorzamen, dan kunnen we er niets op tegen hebben dat Hij ons er op alle mogelijke manieren aan went om Hem te gehoorzamen.

1Seneca, De vita beata, 15,5.

Bestellen?

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in