Insitutie Boek 3 – Het delen in Christus 3.7 – Zelfverloochening 3.7.4 – We moeten andere mensen boven onszelf stellen

3.7.4 – We moeten andere mensen boven onszelf stellen

Verder zien we in deze woorden dat het bij zelfverloochening voor een deel gaat om de mensen en voor een deel om God. Daarvan is het laatste het belangrijkste.

De Schrift beveelt ons dat we ons tegenover andere mensen zo moeten gedragen dat we hen meer eren dan onszelf Filippenzen 2:3-4 en dat we ons volledig en trouw inspannen om te zorgen voor hun belangen. Romeinen 12:10 Zulke geboden kunnen wij niet bevatten, tenzij we eerst onze natuurlijke neiging kwijtraken. Want we zijn verblind en daardoor zijn we allemaal geneigd om onszelf lief te hebben. En daarom denken we allemaal dat we een rechtvaardige reden hebben om ons boven anderen te verheffen en op anderen neer te kijken.

Als God ons iets gegeven heeft waarover we geen berouw hoeven te hebben, dan gaan we daar meteen vol trots op vertrouwen. We blazen onszelf op en knappen haast van hoogmoed. Gebreken hebben we in overvloed, maar die verbergen we ijverig voor anderen. We vleien onszelf en maken onszelf wijs dat ze onbelangrijk en klein zijn. Soms koesteren we ze zelfs alsof het goede eigenschappen waren.

Als anderen dezelfde gaven blijken te hebben die wij in onszelf bewonderen, of zelfs nog betere gaven, dan bagatelliseren we die en geven er jaloers op af. Maar als ze enkele gebreken hebben, dan zijn we er niet mee tevreden die streng en scherp op te merken. Vol haat blazen we ze op.

Vandaar dat we allemaal zo overmoedig zijn alsof we buiten de algemene wet staan. We willen boven anderen uitsteken en alle mensen minachten we onbekommerd en brutaal of we kijken op hen neer alsof ze onder ons staan. De armen moeten wijken voor de rijken, de onaanzienlijken voor de edelen, de ongeschoolden voor de geletterden. Maar er is niemand die in zijn hart zichzelf niet eigenlijk beter vindt dan een ander.

Dus omdat iedereen zichzelf vleit, draagt ieder een soort koninkrijk mee in zijn eigen hart. Want hij eist voor zichzelf op waar hij maar zin in heeft en bekritiseert de aard en levenswijze van anderen. Maar komt het tot een conflict, dan barst het venijn los. Want velen laten wel wat zachtmoedigheid zien zolang ze vriendelijke en aangename dingen ervaren. Maar hoeveel mensen blijven altijd even bescheiden als ze gekrenkt en uitgedaagd worden? De enige remedie hiervoor is dat de gevaarlijke ziekte van eerzucht en egoïsme uit ons diepste innerlijk wordt uitgeroeid.

En dat doet de leer van de Schrift. Want de Schrift leert ons dat we moeten bedenken dat de gaven die God ons gegeven heeft, niet van onszelf komen. Het zijn genadegaven van God. Als sommigen trots zijn op die gaven, verraden ze daarmee hun ondankbaarheid. ‘Wie maakt jou beter?’ zegt Paulus. ‘Als je alles gekregen hebt, waarom laat je je er dan op voorstaan alsof je het niet gekregen hebt?’ 1 Korinthiërs 4:7 Verder leert de Schrift ons dat we continu onze gebreken moeten onderzoeken. Zo moeten we onszelf brengen tot nederigheid. Dan blijft er niets in ons over om verwaand over te zijn, maar hebben we juist alle reden om bescheiden te blijven.

Aan de andere kant beveelt de Schrift ons dat we alle gaven van God moeten eren en respecteren die we in anderen zien. Ook moeten we met respect de mensen behandelen die die gaven gekregen hebben. Want het zou heel slecht van ons zijn als we hen beroven van de eer die de Heer hun waard gekeurd heeft. Ook leert de Schrift ons om hun gebreken door de vingers te zien. Zeker niet om hen te voeden met vleierij. Maar wel omdat we hen niet mogen bespotten om hun gebreken. We moeten hen juist welwillend en met respect behandelen.

Op die manier zullen we ons niet alleen beheerst en bescheiden opstellen tegenover iedereen. Met wie we ook te maken hebben, we gedragen ons voorkomend en vriendelijk. En echte zachtmoedigheid kun je maar op één manier bereiken: via een hart dat doordrenkt is van vernedering van jezelf en eerbied voor de ander.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.

FunctionalOur website uses functional cookies. These cookies are necessary to let our website work.

AnalyticalOur website uses analytical cookies to make it possible to analyze our website and optimize for the purpose of a.o. the usability.

Social mediaOur website places social media cookies to show you 3rd party content like YouTube and FaceBook. These cookies may track your personal data.

AdvertisingOur website places advertising cookies to show you 3rd party advertisements based on your interests. These cookies may track your personal data.

OtherOur website places 3rd party cookies from other 3rd party services which aren't Analytical, Social media or Advertising.