Insitutie Boek 3 – Het delen in Christus 3.6 – Leven als christen 3.6.2 – Liefde voor rechtvaardigheid en de norm voor rechtvaardigheid

3.6.2 – Liefde voor rechtvaardigheid en de norm voor rechtvaardigheid

Welnu, het onderwijs van de Schrift waarover ik het heb, bestaat vooral uit twee delen. Het eerste deel is dat er liefde voor rechtvaardigheid – waar we anders van nature helemaal niet toe geneigd zouden zijn – in ons hart wordt gedruppeld en dat die liefde ons hart in beslag neemt. Het tweede deel is dat we een norm voorgeschreven krijgen waar we niet van mogen afwijken als we rechtvaardigheid nastreven.

Wat betreft het eerste deel: de Schrift geeft heel veel en heel goede redenen om rechtvaardigheid aan te prijzen. Veel daarvan heb ik eerder al op verschillende plaatsen genoemd en ik zal er hier nog meer kort aanstippen. Welke basis kan rechtvaardigheid beter hebben dan de waarschuwing van de Schrift dat wij heilig moeten zijn omdat God heilig is? Leviticus 19:2; 1 Petrus 1:15-16 Want wij waren als schapen uiteengejaagd en door het doolhof van de wereld verspreid. Maar toen heeft God ons weer verzameld om ons met Hem te verenigen. Als we horen noemen dat we met God verbonden zijn, moeten we bedenken dat heiligheid de band moet zijn die ons met Hem verbindt. Niet omdat wij de gemeenschap met Hem verdienen met onze heiligheid. Wij moeten ons juist eerst aan Hem vastklampen om met zijn heiligheid overgoten te worden. Pas dan kunnen we Hem volgen waarheen Hij ons roept. Maar het is nodig voor Gods eer dat wij heilig zijn. Want Hij kan geen gemeenschap hebben met onrechtvaardigheid en onreinheid.

Daarom leert de Schrift ook dat dit het doel is van onze roeping. Daar moeten we altijd op letten als we God antwoord willen geven op zijn roep. Jesaja 35:8 Want wat zou het voor zin hebben als we bevrijd worden uit de slechtheid en onreinheid van de wereld waarin we ondergedompeld waren, als we onszelf toestonden om heel ons leven daarin te blijven omrollen? Bovendien waarschuwt de Schrift ons ook dat we, om bij het volk van de Heer gerekend te worden, in de heilige stad Jeruzalem moeten wonen. Psalm 116:18-19; 122 Hij heeft die stad zelf geheiligd en daarom mag die stad niet door onreinheid van haar bewoners ontheiligd worden. Vandaar deze uitspraken: zij die smetteloos wandelen en rechtvaardigheid nastreven, zullen een plaats krijgen in de tabernakel van de Heer, enzovoort. Psalm 15:1-2; 24:3-4 Want het zou heel ongepast zijn als het heiligdom waar Hij in woont, als een stal gevuld zou zijn met vuil.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. Een verbeterde versie van deze vertaling is verkrijgbaar in druk en als e-book. Het zal nog even duren voor alle laatste correcties ook op de website doorgevoerd zijn.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.