Insitutie Boek 3 – Het delen in Christus 3.4 – Berouw, schuldbelijdenis en genoegdoening 3.4.13 – Persoonlijke schuldbelijdenis maakt verzoening mogelijk

3.4.13 – Persoonlijke schuldbelijdenis maakt verzoening mogelijk

Over de tweede vorm van schuldbelijdenis spreekt Christus bij Mattheüs: ‘Als je je gave offert op het altaar en je daar herinnert dat je broeder iets tegen je heeft, laat je gave dan daar achter en ga je eerst verzoenen met je broeder. Daarna mag je je gave gaan offeren.’ Mattheüs 5:23-24 Want zo moeten we de liefde herstellen die door onze schuld kapot gegaan is: we moeten onze schuld erkennen en om vergeving vragen.

Onder deze vorm valt de schuldbelijdenis van hen die met hun zonde heel de kerk geërgerd hebben. Want Christus vindt het al heel belangrijk als er één mens geërgerd wordt. Hij houdt iedereen af van de heilige rituelen die op welke manier dan ook tegen zijn broeder gezondigd heeft. Eerst moet het weer goed gemaakt zijn en moeten ze zich weer met elkaar verzoend hebben. Als iemand de kerk gekwetst heeft door een of ander slecht voorbeeld te geven, is er dan dus nog veel meer reden voor hem om zijn schuld te erkennen en zich zo weer met de kerk te verzoenen. Zo werd die man uit Korinthe weer in de gemeenschap opgenomen toen hij zich vrijwillig had onderworpen aan een berisping. 2 Korinthiërs 2:6

Deze vorm van schuldbelijdenis bestond ook in de vroege kerk. Cyprianus vertelt daarvan. Hij zegt: ‘Ze tonen voor een bepaalde tijd berouw. Daarna doen ze schuldbelijdenis en worden ze weer tot de gemeenschap toegelaten doordat de bisschop en de geestelijken hun de handen opleggen.’ Een andere manier of vorm van schuldbelijdenis kent de Schrift echt niet. En wij hebben niet het recht om het geweten vast te binden met nieuwe boeien. Christus verbiedt heel streng om het geweten zo in slavernij te brengen.

Ondertussen heb ik er niets op tegen als schapen hun herder opzoeken, telkens als ze willen deelnemen aan het Heilig Avondmaal. Sterker nog, ik zou graag willen dat dit overal gebeurde. Want als je geweten bezwaard is, kun je daar veel aan hebben. En als je vermaand moet worden, geef je zo gelegenheid om vermaand te worden. Als er maar absoluut geen sprake is van tirannie of bijgeloof!

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.