3.24.11 – God verlost de uitverkorenen op zijn tijd

0
371

Nu vraag ik je: wat voor zaad van de uitverkiezing schoot daar toen in hen op? In heel hun leven waren ze op allerlei manieren besmeurd. Ze leefden als het ware in een hopeloze slechtheid. Ze wentelden zich in de meest gruwelijke en weerzinwekkende misdaden. Als de apostel Paulus had willen spreken volgens de opvattingen van mijn tegenstanders, dan had hij moeten laten zien hoeveel ze te danken hadden aan Gods goedheid. Want dan zou die hen beschermd hebben, zodat ze niet tot zulke smerige dingen waren vervallen!

Dan had ook Petrus de zijnen moeten aansporen om dankbaar te zijn voor het steeds aanwezige zaad van de uitverkiezing. Maar integendeel, hij herinnert hen eraan dat ze in het verleden genoeg tijd gehad hebben om de wellusten van de heidenen te vervullen. 1 Petrus 4:3

Wat als we naar voorbeelden kijken? Wat voor rechtvaardigheid schoot er op in de hoer Rachab, voordat ze geloofde? Jozua 2:1 In Manasse, toen Jeruzalem rood kleurde en haast overstroomd werd door het bloed van de profeten? 2 Koningen 21:16 In de moordenaar aan het kruis, die pas bij zijn laatste ademtocht nadacht over bekering? Lucas 23:42 Weg dus met deze argumenten die nieuwsgierige mensen onnadenkend verzinnen buiten de Schrift om!

We moeten vasthouden aan wat de Schrift zegt: we hebben allemaal gedwaald als schapen. Ieder ging zijn eigen gang, dat wil zeggen: naar de ondergang. Jesaja 53:6 Degenen van wie de Heer bepaald heeft dat Hij hen eens uit deze kolk van de ondergang zal verlossen, stelt Hij uit tot het daar zijn tijd voor is. Hij bewaard hen alleen voor het vervallen in onvergeeflijke godslastering.

Bestellen?

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in