Insitutie Boek 3 – Het delen in Christus 3.23 – Kritiek op de uitverkiezing 3.23.3 – Dat de verworpenen verworpen worden, is hun eigen schuld

3.23.3 – Dat de verworpenen verworpen worden, is hun eigen schuld

Zo kan God zijn vijanden zwijgend in bedwang houden. Maar wij mogen niet toestaan dat zij zijn heilige naam ongestraft bespotten. Daarom geeft Hij ons ook wapens tegen hen uit zijn Woord. Dus valt iemand ons met zulke woorden aan, waarom God vanaf het begin sommigen bestemd heeft voor de dood, terwijl ze het nog niet verdiend konden hebben om ter dood veroordeeld te worden, omdat ze immers nog niet bestonden? Dan moeten we geen antwoord geven, maar in plaats daarvan op onze beurt vragen: wat denken zij dan dat God de mens schuldig is als Hij hen volgens hun aard wil beoordelen?

Wij zijn allemaal bedorven door de zonde. Daarom kan het niet anders of we zijn weerzinwekkend voor God. Dat ligt niet aan de wreedheid van een tiran, maar aan de heel billijke norm van rechtvaardigheid. Ieder die de Heer bestemt voor de dood, verdient het dus door zijn natuurlijke toestand om ter dood veroordeeld te worden. Over welk onrecht dat hun wordt aangedaan, vraag ik je, zouden zij zich dan kunnen beklagen? Laat alle kinderen van Adam maar komen! Laat hen met hun schepper in discussie gaan omdat ze door zijn eeuwige voorzienigheid vóór hun geboorte zijn bestemd voor een altijddurende ellende. Wat kunnen ze daartegen als verdediging inbrengen? God roept juist hen ter verantwoording!

Als iedereen deel uitmaakt van een bedorven groep, is het geen wonder als ze allemaal onderworpen zijn aan de veroordeling. Ze moeten God dus niet van onrechtvaardigheid beschuldigen als ze door zijn eeuwig oordeel voor de dood bestemd zijn. Of ze nu willen of niet, ze voelen zelf wel dat hun eigen aard hen daarheen leidt. Daaruit blijkt hoe verkeerd hun neiging is om tegen te spreken. Ze zijn gedwongen te erkennen dat de reden voor hun veroordeling in henzelf ligt, maar ze onderdrukken die en gebruiken God als excuus om te worden vrijgesproken. En toch, al zou ik honderdmaal erkennen dat God dit bewerkt – en dat is ook echt zo – dan wassen ze daarmee toch niet meteen hun schuld af. Die staat in hun geweten gegrift en komt hun van tijd tot tijd voor ogen.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.