3.11.10 – Onze eenheid met Christus is geestelijk, niet wezenlijk

0
109

Verder wil ik voorkomen dat Osiander leken bedriegt met zijn listen. Daarom erken ik dat we dit weergaloos goede blijven missen totdat Christus van ons wordt. Voorop zet ik dus de verbinding tussen hoofd en ledematen, het wonen van Christus in ons hart, kortom, de mystieke eenheid. Want pas als Christus van ons geworden is, laat Hij ons delen in de gaven waar Hij de beschikking over gekregen heeft. We zien Hem dus niet van een afstand, buiten ons, zodat zijn rechtvaardigheid ons alleen maar toegekend wordt. Nee, we hebben Hem aangetrokken en we zijn in zijn lichaam ingelijfd, kortom, Hij heeft het ons waardig gekeurd dat Hij ons één maakt met Hem. Daarom beroemen we ons erop dat wij met Hem delen in de rechtvaardigheid. Dat weerlegt Osianders laster dat ik het geloof als rechtvaardigheid zou beschouwen. Alsof ik Christus van zijn recht zou beroven als ik zeg dat we leeg bij Hem komen om ruimte te geven aan zijn genade, zodat we alleen vol raken van Hem.

Maar Osiander verwerpt deze geestelijke verbinding en houdt met hand en tand vol dat Christus met de gelovigen vermengd wordt. En daarom scheldt hij iedereen die zijn waanzinnige dwaling over de wezenlijke rechtvaardigheid niet onderschrijft, uit voor zwinglianen, omdat zij niet van mening zijn dat in het avondmaal Christus daadwerkelijk gegeten wordt. Maar ik vind het een hoge eer om dit scheldwoord te horen van een hoogmoedig man die verstrikt zit in zijn eigen goocheltrucs. Al raakt het niet alleen mij, maar ook schrijvers die wereldberoemd zijn en voor wie hij vol bescheidenheid respect had moeten hebben. Maar mij maakt het niet uit. Ik bepleit niet mijn eigen zaak en dus bepleit ik deze zaak extra oprecht. Want ik ben volledig vrij van verkeerde motieven.

Osiander claimt dus onbeschaamd een wezenlijke rechtvaardigheid en het wezenlijk in ons wonen van Christus. Dat betekent in de eerste plaats dat God zich door een grove vermenging in ons zou uitgieten, net als bij het voedsel dat we eten. Daarom verzint Osiander ook dat Christus in het avondmaal fysiek gegeten wordt. In de tweede plaats betekent dit dat God zijn rechtvaardigheid in ons zou inblazen, zodat wij daardoor met Hem daadwerkelijk rechtvaardig zouden zijn. Want volgens Hem is deze rechtvaardigheid zelf God, net als Gods goedheid, Gods heiligheid of Gods zuiverheid.

Ik hoef niet veel moeite te doen om de Schriftbewijzen die Osiander aanvoert te weerleggen. Die slaan op het hemelse leven, maar hij verdraait ze en past ze onterecht toe op onze tegenwoordige toestand. ‘Door Christus,’ zegt Petrus, ‘zijn ons de kostbare en grootste beloften gegeven, om ons te laten delen in de goddelijke natuur.’1 Osiander leidt hieruit af dat God zijn wezen met ons vermengd heeft. Alsof we nu al zo zijn zoals het evangelie belooft dat we zullen zijn als Christus terugkomt! Johannes leert dat we dan God zullen zien zoals Hij is, omdat we aan Hem gelijk zullen zijn.2

Ik heb de lezer hier slechts iets van willen laten proeven om aan te tonen dat ik dit flauwe geklets expres oversla, niet omdat het te moeilijk is om ze te ontzenuwen, maar omdat ik niemand wil vervelen met overbodig werk.

12 Petrus 1:4

21 Johannes 3:2

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in