3.10.6 – Tevreden zijn met je roeping

0
108

Ten slotte moet ik nog opmerken dat de Heer ieder van ons beveelt om bij al zijn doen en laten in het leven te letten op zijn roeping. Want Hij weet wat voor onrust er in de menselijke natuur brandt, hoe wispelturig en lichtzinnig ze heen en weer geslingerd wordt en hoe sterk haar eerzucht is, zodat ze allerlei verschillende dingen tegelijk aanpakt. Daarom wilde de Heer voorkomen dat alle dingen door onze dwaasheid en overmoed op hun kop gezet en door elkaar gegooid zouden worden. Dus heeft Hij bepaald dat ieder een ander soort leven heeft, ieder met zijn eigen plichten. En om te voorkomen dat iemand onbezonnen zijn grenzen zou overschrijden, heeft hij die soorten van leven ‘roepingen’ genoemd. Ieder heeft dus van de Heer zijn eigen soort leven toegewezen gekregen, als een wachtpost. Zodoende hoeft hij in heel zijn levensloop dus nooit doelloos rond te dwalen.

Dit onderscheid is heel belangrijk. Voor Gods aangezicht wordt al ons doen en laten daarnaar beoordeeld. En dat oordeel valt vaak heel anders uit dan hoe mensen en filosofen redeneren. Geen enkele daad vindt men beter dan het vaderland bevrijden van tirannie. Dat zie je zelfs bij de filosofen. Maar de stem van de hemelse rechter veroordeelt degene die als privé-persoon een tiran ombrengt.1

Maar ik wil me niet laten ophouden door voorbeelden op te sommen. Het is genoeg als we weten dat je in elke zaak goed handelt als je de roeping van de Heer als uitgangspunt en fundament neemt. Wie zich daar niet aan houdt, zal in zijn plichten nooit op het rechte pad blijven. Misschien kan hij soms iets doen wat prijzenswaard lijkt. Maar ook al is dat zo in de ogen van mensen, voor Gods troon zal het afgekeurd worden. Bovendien zal er geen enkel evenwicht zijn in de onderdelen van zijn leven.

Daarom is je leven pas goed ingericht als je dit in het oog houdt. Want dan zal niemand door zijn eigen onbezonnenheid méér proberen dan waartoe hij geroepen is. Want hij weet dat hij zijn grenzen niet mag overschrijden.

Een ambteloos burger zal het niet erg vinden om een onopvallend leven te leiden. Want hij zal de positie waar God hem geplaatst heeft niet willen verlaten. Bovendien zal het voor ieder een enorme verlichting betekenen als hij weet dat in alle zorgen, moeiten en problemen God zijn gids is. Wie een overheidsambt bekleedt, zal extra bereidwillig dat ambt vervullen, de huisvader zal extra bereidwillig zijn plicht doen, ieder zal in zijn eigen soort van leven gemakkelijker ongemak, zorg, verdriet en moeiten dragen en verwerken, als je ervan overtuigd bent dat ieder zijn last krijgt opgelegd van God.

Dat levert ook een geweldige troost op: geen enkel werk is zo verachtelijk en onbeduidend dat het in Gods ogen niet schittert en als kostbaar beschouwd wordt, als je maar zijn roeping gehoorzaamt.

11 Samuël 24:7; 1 Samuël 26:9

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in