3.1.3 – Benamingen voor de Geest in de Schrift

Het is goed om nu de benamingen op te noemen waarmee de Schrift de Geest tooit als het gaat over het begin en over de volledige vernieuwing van ons volmaakte geluk.

Om te beginnen wordt de Geest ‘de Geest van adoptie’ genoemd, omdat Hij er voor ons van getuigt dat God ons goedgezind is, zonder dat wij dat verdiend hebben. Want God de Vader heeft ons in zijn eniggeboren Zoon omhelsd om onze Vader te zijn. Ook geeft de Geest ons de moed om vol vertrouwen te bidden. Sterker nog, Hij zegt ons de woorden voor, zodat wij zonder aarzeling durven roepen: ‘Abba, Vader!’ Romeinen 8:15; Galaten 4:6

Om dezelfde reden wordt de Geest ‘een waarborg en zegel van onze erfenis’ genoemd. 2 Korinthiërs 1:22; Efeziërs 1:13-14 In deze wereld leven wij als vreemdelingen. We zijn hier net doden. Maar de Geest maakt ons vanuit de hemel levend. Daardoor kunnen we er zeker van zijn dat ons behoud veilig is onder Gods trouwe bescherming.

De Geest wordt daarom ook ‘leven vanwege de rechtvaardigheid’ genoemd. Romeinen 8:10 Ook wordt de Geest meer dan eens ‘water’ genoemd, omdat Hij ons in het verborgen besprenkelt en ons vruchtbaar maakt, zodat we scheuten van rechtvaardigheid voortbrengen. Bijvoorbeeld bij Jesaja: ‘Ieder die dorst heeft, kom naar het water!’ Jesaja 55:1 En: ‘Ik zal mijn Geest gieten op het dorstige en stromen op het droge.’ Jesaja 44:3 Dat komt overeen met de uitspraak van Christus die ik zojuist aanhaalde: ‘Als iemand dorst heeft, dan moet hij bij Mij komen.’ Johannes 7:37 Maar soms wordt de Geest ‘water’ genoemd omdat Hij in staat is om te reinigen en te zuiveren, zoals bij Ezechiël. Daar belooft de Heer zuiver water om het vuil van zijn volk af te wassen. Ezechiël 36:25

De Geest krijgt ook de benaming ‘olie’ of ‘zalving’, omdat Hij de levenskracht herstelt en in stand houdt in degenen die Hij met het vocht van zijn genade overgoten heeft. 1 Johannes 2:20-27

Aan de andere kant wordt de Geest ook een ‘vuur’ genoemd en terecht, want Hij loutert en zuivert ons voortdurend van onze zondige begeerten en laat in ons hart liefde voor God en een vrome ijver ontbranden. Lucas 3:16

Ten slotte wordt de Geest voor ons beschreven als de fontein waaruit alle hemelse rijkdommen naar ons toe stromen. Johannes 4:14 Of als Gods hand, waardoor Hij zijn macht uitoefent. Handelingen 11:21 Want Hij blaast zijn kracht in ons. Zo geeft Hij ons goddelijk leven. Dan drijven wij niet meer onszelf aan, maar worden we geregeerd door wat Hij doet en waar Hij ons toe aanzet. De goede dingen in ons zijn zodoende vruchten van zijn genade. Maar zonder Hem hebben we geen andere gaven dan een verduisterd verstand en een bedorven hart.

Ik heb al duidelijk uitgelegd dat Christus in zekere zin passief blijft afwachten zolang ons hart nog niet gericht is op de Geest. Want voordat het zover is, zien wij Christus alleen maar buiten ons. Het doet ons niets. Hij blijft dan ook op een grote afstand van ons. We weten immers dat je alleen maar iets aan Hem hebt als Hij je hoofd is Efeziërs 4:15 en je eerstgeboren broer Romeinen 8:29 en als je Hem aangetrokken hebt. Galaten 3:27 Alleen als we zo met Hem verbonden zijn, zorgt dat ervoor dat Hij wat ons betreft niet voor niets gekomen is onder de naam ‘verlosser’. En dat is de bedoeling van dat heilige huwelijk waardoor wij hetzelfde vlees krijgen als Hij en hetzelfde gebeente en daarom één zijn met Hem. Efeziërs 5:30 Dat Christus zo één met ons wordt, dat doet Hij alleen door de Geest. Door de genade en de kracht van diezelfde Geest worden wij zijn ledematen. Daardoor zijn wij onderworpen aan Hem, terwijl andersom wij Hem in bezit hebben.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.