Insitutie Boek 2 – God als verlosser in Christus 2.8 – De Tien Geboden 2.8.54 – Liefde voor jezelf en liefde voor je naaste

2.8.54 – Liefde voor jezelf en liefde voor je naaste

Laten we het dus hierop houden: ons leven is het best volgens Gods wil en de voorschriften van de wet ingericht als ons leven onze broeders in alle opzichten het meeste voordeel oplevert. Maar er staat in de hele wet geen woord te lezen om de mens een regel op te leggen voor wat hij voor zijn eigen voordeel moet doen of laten. Immers, het is heel normaal dat mensen een sterke aangeboren neiging hebben om van zichzelf te houden. Hoever ze ook afdwalen van de waarheid, die liefde voor zichzelf raken ze nooit kwijt. Daarom was er ook geen wet nodig om deze liefde nog meer aan te wakkeren. Die liefde is van zichzelf al veel te sterk.1

En daaruit blijkt duidelijk dat we ons niet aan de geboden houden als we onszelf liefhebben, maar als we God en onze naaste liefhebben. Je leeft het best en het heiligst als je zomin mogelijk leeft of je best doet voor jezelf. En je kunt niet slechter en verkeerder leven dan wanneer je alleen leeft en je best doet voor jezelf en alleen oog hebt voor je eigen belangen. Sterker nog, om extra duidelijk aan te geven hoe groot onze neiging moet zijn om onze naasten lief te hebben, heeft de Heer voor die liefde onze liefde voor onszelf als maatstaf genomen. Hij kon geen intensere en sterkere neiging noemen om de liefde voor onze naaste aan af te meten.

We moeten nauwkeurig overdenken wat deze uitspraak te betekenen heeft. Sommige sofisten zijn zo dom dat ze denken dat onze liefde voor onszelf voorop staat en dat de liefde voor onze naaste pas daarna komt. Maar dat bedoelt de Heer niet. Hij richt de liefde die we van nature op onszelf richten, op anderen. Daarom zegt de apostel Paulus dat liefde niet zichzelf zoekt. 1 Korinthiërs 13:5 Ook is het van hen maar een waardeloos argument dat wat aan de maatstaf wordt afgemeten altijd minder is dan de maatstaf zelf. Want de Heer maakt van de liefde voor onszelf geen maatstaf waar de liefde voor anderen aan ondergeschikt zou zijn. Hij laat alleen zien dat we door ons natuurlijk bederf steeds geneigd zijn om onze liefde te beperken tot onszelf, maar dat we die liefde nu moeten uitbreiden tot anderen. We moeten bereid zijn net zo enthousiast en ijverig voor onze naaste te zorgen als voor onszelf.

1Augustinus, De doctrina christiana I, 23-26.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.