2.8.29 – Sabbatsrust en geestelijke rust

Maar veel bewijzen uit de Schrift leren ons dat de sabbat als schaduw van de geestelijke rust het belangrijkst geweest is. Er is immers haast geen ander gebod waarvan de Heer zo streng eist dat we het gehoorzamen. Numeri 15:32-36 Als Hij de profeten duidelijk wil maken dat de hele godsdienst omvergehaald is, klaagt Hij dat zijn sabbat besmeurd en geschonden wordt, dat het volk zich niet aan de sabbat houdt en die niet heiligt. Alsof God onmogelijk nog geëerd kan worden als er op dit punt geen gehoorzaamheid is. Ezechiël 20:12-13; 22:8; 23:38; Jeremia 17:21-27; Jesaja 56:2 Als je je wel aan de sabbat houdt, wordt je door God hoog geprezen. Daarom kijken de gelovigen, vergeleken met andere uitspraken van God, met ontzag op tegen de openbaring van de sabbat. Want bij Nehemia zeggen de Levieten in een plechtige vergadering: ‘U hebt onze voorvaders uw heilige sabbat bekend gemaakt. En U hebt hun door de hand van Mozes geboden en bepalingen en een wet gegeven.’ Nehemia 9:14 Je ziet dat tussen alle geboden van de wet extra waarde gehecht wordt aan de sabbat.

En dat werkt er allemaal aan mee dat er hoog wordt opgegeven van de verhevenheid van het mysterie. Mozes en Ezechiël hebben daar heel mooi uiting aan gegeven. Zo lees je in Exodus: ‘Jullie moeten je aan mijn sabbat houden, zodat jullie weten dat ik de HEER ben en dat ik jullie heilig. Houd je aan de sabbat, want die is heilig voor jullie. Laten de kinderen van Israël zich aan de sabbat houden. Laten zij zich de sabbat houden al hun generaties door. De sabbat is een eeuwig verbond tussen Mij en de kinderen van Israël en een teken voor eeuwig.’ Exodus 31:13-17 Ezechiël spreekt er nog uitgebreider over. De kern van zijn woorden is dat de sabbat een teken is waardoor Israël moest leren dat God hen heiligt. Ezechiël 20:12

Als onze heiliging bestaat uit het doden van onze eigen wil, dan ontdekken we een heel passende overeenkomst tussen het zichtbare teken en de inhoud zelf. Wij moeten rusten, om God in ons te laten werken. We moeten afstand doen van onze wil, ons hart overgeven en alle begeerten van het vlees opgeven. Kortom, we moeten ophouden met alles waar ons eigen verstand zich mee bezig houdt om in God te rusten, terwijl Hij in ons werkt. Zo leert de apostel het ook. Hebreeën 3:11; 4:3-9

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.