2.8.17 – Het tweede gebod

Je mag geen beeld en geen enkele afbeelding maken van iets boven in de hemel of van iets beneden op de aarde of van iets in het water onder de aarde. Je mag daarvoor niet knielen en die niet dienen.

In het vorige gebod heeft God uitgesproken dat Hij de enige God is. Buiten Hem mag je geen andere goden bedenken of hebben. Daarom kondigt Hij nu af wat voor God Hij is en hoe Hij gediend en geëerd wil worden. Exodus 20:4-5 Want Hij wil niet dat we het wagen Hem iets lichamelijks toe te dichten. De bedoeling van dit gebod is dus dat Hij niet wil dat de juiste dienst aan Hem ontheiligd wordt door bijgelovige rituelen. Daarom is de kern dat Hij ons weerhoudt van vleselijke plichtplegingen die we met ons domme verstand steeds weer verzinnen als we onszelf een dwaze voorstelling van God gemaakt hebben. En dat Hij ons vormt zodat we voldoen aan de juiste, geestelijke dienst aan Hem die Hij zelf heeft ingesteld. Verder wijst God aan wat de ergste zonde is die je bij deze overtreding kunt begaan: het dienen van zichtbare beelden.

Het gebod bestaat uit twee gedeelten. Het eerste deel legt onze brutaliteit aan banden. God is onbegrijpelijk. Daarom moeten we het niet wagen om Hem te onderwerpen aan onze zinnen of Hem zichtbaar te maken door middel van een afbeelding. Het tweede deel verbiedt ons om een beeld religieuze eer te bewijzen door het te aanbidden.

Bovendien somt God kort alle vormen op waarin goddelozen en bijgelovige volken Hem steeds afbeelden. Met de dingen in de hemel bedoelt Hij de zon, de maan en de andere hemellichamen en misschien de vogels. In Deuteronomium 4 maakt Hij duidelijk wat Hij bedoelt. Daar noemt Hij zowel vogels als sterren. Deuteronomium 4:15-19 Ik zou deze kanttekening niet gemaakt hebben, als ik niet zag dat sommigen zo onverstandig zijn om dit op de engelen te laten slaan. De rest sla ik over, want dat spreekt voor zich. Bovendien heb ik in boek 1 duidelijk genoeg geleerd dat elke zichtbare vorm die de mens voor God bedenkt diametraal in strijd is met zijn natuur. Daarom wordt de ware godsdienst bedorven en vervalst zodra er afgodsbeelden tevoorschijn komen.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.