Insitutie Boek 2 – God als verlosser in Christus 2.2 – De onvrijheid van de wil 2.2.21 – Je hebt niets aan Gods Woord zonder de Geest

2.2.21 – Je hebt niets aan Gods Woord zonder de Geest

Paulus pakt hier de mens dus zijn wijsheid af. En ergens anders kent hij die wijsheid toe aan God alleen. Hij zegt: ‘Laat de God en Vader van de glorie jullie de Geest van wijsheid en openbaring geven.’ Je hoort wel dat alle wijsheid en openbaring een geschenk van God is. Hoe gaat hij verder? ‘Zodat de ogen van jullie verstand verlicht worden.’ Als ons verstand een nieuwe openbaring nodig heeft, is het van zichzelf blind. Hij vervolgt: ‘Opdat jullie weten waarop jullie mogen hopen omdat jullie geroepen zijn …’ Efeziërs 1:17-18 Hij belijdt dus dat menselijk verstand te weinig inzicht heeft om te weten waartoe de mens geroepen is.

En nu moet niet een of andere pelagiaan kletsen dat God ons in onze domheid of onwetendheid te hulp komt met het onderwijs van zijn Woord. Door dat onderwijs zou het verstand van de mens gebracht worden waar het zonder gids niet kan komen. Maar David had de wet. Die bevatte alle wijsheid die je maar zou kunnen wensen. Toch is hij daarmee niet tevreden. Hij vraagt of de blinddoek van zijn ogen mag worden weggenomen, zodat hij de wonderen van die wet kan zien. Psalm 119:18 Met die woorden bedoelt hij ongetwijfeld dat de zon opgaat boven de aarde als Gods Woord de mensen verlicht. Maar ze hebben daar maar weinig aan zolang ze geen ogen hebben gekregen of zolang hun ogen nog niet geopend zijn door God. Hij wordt de Vader van de lichten Jacobus 1:17 genoemd omdat overal waar Hij zijn Geest niet laat schijnen alles gehuld is in duisternis.

Ook de apostelen hadden goed en meer dan genoeg onderwijs gehad van de beste leermeester. Maar ook zij hadden de Geest van de waarheid nodig. Die moest hun verstand onderwijzen juist in diezelfde leer die ze al gehoord hadden. Johannes 14:26 Als ze die Geest niet nodig hadden gehad, zouden ze niet het bevel gekregen hebben om naar Hem uit te kijken. Handelingen 1:14

We moeten erkennen dat wij missen waar we God om vragen. En dat Hij ons zelf aanwijst dat we de dingen missen die Hij ons belooft. Daarom hoeft niemand te aarzelen om toe te geven dat hij Gods mysteries alleen maar kan bevatten voor zover Gods genade hem verlicht. Wie zichzelf meer inzicht toedicht, is juist extra blind. Want hij snapt niet eens dat hij blind is.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. Een verbeterde versie van deze vertaling is verkrijgbaar in druk en als e-book. Het zal nog even duren voor alle laatste correcties ook op de website doorgevoerd zijn.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.