2.16.6 – Christus is gekruisigd

Verder bevat ook de manier waarop Christus gestorven is een opmerkelijk mysterie. Het kruis was vervloekt. Dat vonden niet alleen de mensen. Dat was ook zo volgens een bepaling van Gods wet. Deuteronomium 21:23 Dus als Christus aan het kruis gehangen wordt, onderwerpt Hij zich aan de vloek. En dat moest zo gebeuren om ons te verlossen van elke vloek die ons vanwege onze zonden boven het hoofd hing. Die werden op Hem overgedragen.

De wet heeft ook daar een voorafschaduwing van gegeven. In het Hebreeuws wordt de zonde zelf in eigenlijke zin aangeduid met het woord asjamot. Maar dat woord wordt immers ook gebruikt voor de slachtoffers en zoenoffers die geofferd werden voor de zonden. Door dit woord figuurlijk te gebruiken, wil de Geest aangeven dat die offers reinigingsoffers waren. De vloek die door de misdaden verdiend was, werd overgedragen op die offerdieren. En wat in de offers volgens de wet van Mozes werd afgebeeld, dat wordt in Christus vervuld. Hij is het model waarnaar de afbeeldingen gemaakt zijn. Om echt verzoening te doen, heeft Hij zijn leven gegeven als een asjam, dat is: als een zoenoffer voor de zonde, zoals de profeet Jesaja zegt. Op dat lam is de smet en de straf als het ware afgeschoven. Die wordt ons niet langer aangerekend. Jesaja 53:5-11

De apostel Paulus getuigt hier nog duidelijker van als hij leert dat Hij die geen zonde kende, door de Vader voor ons tot zonde gemaakt is, zodat wij in Hem Gods rechtvaardigheid zouden worden. 2 Korinthiërs 5:21 Want Gods Zoon is volledig schoon van alle zonde, maar toch heeft Hij de smaad en de schande van onze zonden aangetrokken en ons in plaats daarvan gekleed in zijn reinheid.

Paulus lijkt hetzelfde te bedoelen als hij zegt dat de zonde veroordeeld is in het vlees van Christus. Romeinen 8:3 De Vader heeft de kracht van de zonde immers vernietigd toen de vloek van de zonde werd overgedragen op het vlees van Christus. Dus wordt met deze uitspraak aangegeven dat Christus door te sterven geofferd is aan de Vader als een offer om de Vader genoegdoening te geven. Door dat offer is de verzoening volbracht en hoeven wij voortaan niet meer bang te zijn voor Gods woede.

Nu is duidelijk wat de profeet Jesaja bedoelt met de uitspraak dat al onze misdaden op Hem gelegd zijn: Jesaja 53:6 om de vuilheid van onze misdaden van ons af te wassen, werd Christus daarmee bedekt. Ze zijn op Hem overgedragen en Hem aangerekend. Het kruis waar Hij aan gehangen werd, was daar een symbool van, zo getuigt de apostel Paulus. Hij zegt: ‘Christus heeft ons verlost van de vloek van de wet doordat Hij voor ons een vervloekte geworden is. Want er staat geschreven: “Vervloekt is ieder die aan het hout hangt.” Zo moest de zegen van Abraham in Christus naar de heidenen komen.’ Galaten 3:13-14; Deuteronomium 21:23

Petrus bedoelde hetzelfde, als hij leert dat Christus onze zonden gedragen heeft aan het hout. 1 Petrus 2:24 Want juist uit het symbool van de vloek begrijpen we extra duidelijk dat de last die op ons drukte, op Hem gelegd is.

Toch moeten we begrijpen dat Christus geen vloek op zich genomen heeft die zo zwaar was dat Hij er zelf onder bezweken zou zijn. Integendeel, door de vloek op zich te nemen heeft hij de kracht van die vloek juist volledig onderdrukt, gebroken en uiteengeslagen. Daarom zien we in geloof vrijspraak in Christus’ veroordeling en zegen in zijn vervloeking. En terecht geeft Paulus daarom enorm hoog op van de zege die Christus aan het kruis behaald heeft. Alsof het kruis – vol schande – veranderd was in een zegekar! Want hij zegt dat de schriftelijke schuldbekentenis die tegen ons getuigde, aan het kruis genageld is en dat de overheden ontwapend en openlijk aan de kaak gesteld zijn. Kolossenzen 2:14-15 Geen wonder! Want een andere apostel getuigt dat Christus zichzelf geofferd heeft door de eeuwige Geest. Hebreeën 9:14 Vandaar dat daarbij de dingen op hun kop gezet werden.

Maar dit moet diep wortel schieten in ons hart en zich daar vast in hechten. Daarom moeten we altijd het offer en de afwassing in gedachten houden. We zouden er immers niet op kunnen vertrouwen dat Christus de verlossing, het losgeld en de verzoening is, als hij geen slachtoffer was geweest. Daarom gaat het zo vaak over bloed als de Schrift laat zien hoe wij verlost worden. Trouwens, het vergoten bloed van Christus werkte niet alleen als zoenmiddel, maar diende ook als bad om onze onreinheid af te wassen. Hebreeën 9:14; 1 Johannes 1:7; Openbaring 1:5

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.