2.14.3 – De eenheid van beide naturen

Maar de passages die beide naturen samenvoegen, leggen het duidelijkst uit wat werkelijk het wezen van Christus is. Het evangelie van Johannes bevat heel veel van zulke passages. Daar lees je immers dingen die niet specifiek eigen zijn aan zijn God zijn of aan zijn mens zijn, maar aan beide naturen tegelijk: Hij heeft van de Vader de macht gekregen om zonden te vergeven, Johannes 1:29 om tot leven te wekken wie Hij maar wil, om rechtvaardigheid, heiligheid en het behoud te geven en Hij is door de Vader aangesteld als rechter over levenden en doden. Daarom moet Hij net als de Vader geëerd worden. Johannes 5:21-23 Ten slotte wordt Hij het licht voor de wereld genoemd, Johannes 9:5 de goede herder, de enige deur Johannes 10:7-11 en de echte wijnstok. Johannes 15:1 Want toen Gods Zoon geopenbaard was in het lichaam, was Hij voorzien van dergelijke voorrechten. Weliswaar had Hij die al samen met de Vader, vóór de schepping van de wereld. Maar toen had Hij ze niet op dezelfde manier en voor hetzelfde doel. Bovendien waren dit voorrechten die niet gegeven konden worden aan een mens die niet meer was dan een mens.

Op dezelfde manier moet je ook opvatten wat je bij Paulus leest: als Christus klaar is met het oordeel, zal Hij het koninkrijk overgeven aan God en aan de Vader. 1 Korinthiërs 15:24 Natuurlijk heeft het rijk van Gods Zoon geen begin gehad en zal er dus ook geen eind aan komen. Maar Hij lag verscholen onder zijn nederigheid en had zichzelf leeg gemaakt door het uiterlijk aan te nemen van een slaaf. Hij is gehoorzaam geweest aan de Vader. En toen zijn vernedering voltooid was, is Hij ten slotte gekroond met eer en glorie. Hij is verheven tot de hoogste regering en iedereen moet zich voor Hem buigen. Filippenzen 2:6-11; Hebreeën 2:7-9 Daarom zal Hij ook zelf zijn naam en de kroon van zijn glorie en alles wat Hij van de Vader gekregen heeft onderwerpen aan de Vader. Want God moet alles zijn in allen. 1 Korinthiërs 15:27-28 Waarom heeft Hij anders de macht en het gezag gekregen, dan omdat door zijn hand de Vader ons zou regeren?

Dat wordt er ook bedoeld als er over Christus gezegd wordt dat Hij aan de rechterhand van de Vader zit. Marcus 16:19; Romeinen 8:34 Dat is tijdelijk, totdat we het genot hebben dat we zelf bij Hem zijn en Hem zien als God. De oude schrijvers dwalen op dit punt. Zij letten niet op de persoon van de middelaar. Ze verduisteren bijna de hele leer die je in het evangelie van Johannes leest en raken in allerlei strikken verward. Dat valt niet te verontschuldigen.

De sleutel om dit goed te begrijpen is dus dat wat op de taak van middelaar slaat niet alleen over de goddelijke of alleen over de menselijke natuur gaat. Christus regeert dus totdat Hij optreedt als rechter van de wereld. En alleen om ons te verenigen met de Vader, voor zover dat bij onze zwakheid past. Maar als wij eenmaal delen in de hemelse glorie en daarom zelf God zien zoals Hij is, dan is Christus klaar met de taak van middelaar. Dan treedt Hij niet langer op namens de Vader en neemt Hij weer genoegen met de glorie die Hij vóór de schepping van de wereld had.

En de naam ‘Heer’ past ook alleen maar specifiek bij de persoon van Christus voor zover Hij de middelaar is tussen God en ons. Daarop slaat dit woord van Paulus: ‘Er is maar één God, uit wie alle dingen voortkomen, en één Heer, door wie alle dingen bestaan.’ 1 Korinthiërs 8:6 Want aan Hem heeft de Vader het tijdelijke gezag opgedragen, totdat we zijn goddelijke majesteit met eigen ogen zien. Immers, nu reflecteert Christus de glorie van de Vader. Daarom zal er straks aan zijn majesteit niets worden afgedaan. Zijn majesteit zal alleen maar nog helderder gaan stralen. Want dan zal God ook niet langer het hoofd van Christus zijn. Dan zal Christus’ eigen God zijn zelfstandig stralen. Nu is dat nog gehuld in een sluier.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.