Insitutie Boek 1 – God als schepper 1.6 – God kennen uit de Schrift 1.6.1 – De Schrift is een speciaal geschenk

1.6.1 – De Schrift is een speciaal geschenk

Voor de ondankbaarheid van de mensen bestaat dus geen enkel excuus. Ieder kan met eigen ogen zien hoe schitterend de hemel en de aarde zijn. Dat is meer dan genoeg. En daarom stelt God heel het menselijk geslacht in staat van beschuldiging. Want Hij laat aan iedereen, zonder uitzondering, zijn goddelijke majesteit zien, afgebeeld in de schepselen.

Toch is het nodig dat er een ander en beter hulpmiddel bij komt om ons op de juiste manier naar de schepper van de wereld zelf te leiden. Niet voor niets heeft God daarom het licht van zijn Woord aan dat van de schepping toegevoegd. Daardoor kunnen mensen Hem zo leren kennen dat ze gered worden. En dit voorrecht heeft Hij verleend aan hen die Hij dichter om zich heen wilde verzamelen. Met hen wilde Hij vertrouwelijk omgaan.

God zag dat alle mensen in hun geest ronddoolden en nergens rust of zekerheid vonden. Daarom koos Hij de Joden uit tot zijn eigen kudde en zette Hij een hek om hen heen. Want Hij wilde niet dat ze zouden vergaan zoals de anderen. En niet voor niets houdt Hij ons door hetzelfde middel bij de zuivere kennis van Hem. Want als Hij dat niet zou doen, zouden zelfs zij die steviger lijken te staan dan anderen al snel omvallen.

Immers, als je oude mensen of mensen met een oogkwaal of anderen die slechte ogen hebben een boek voorhoudt, dan zien ze wel dat er iets geschreven staat. Maar ze kunnen nauwelijks twee woorden onderscheiden. Zet je hun echter een bril op, dan kunnen ze met behulp daarvan prima lezen. Zo zet de Schrift de kennis van God, die zich anders verward in onze geest bevindt, voor ons op een rijtje. Ze verdrijft de duisternis en toont ons duidelijk de echte God.

Het is dus een speciaal geschenk als God niet slechts stomme leermeesters gebruikt om de kerk te onderwijzen, maar ook zijn mond opendoet. En als Hij niet alleen verkondigt dat er een God is, die wij moeten dienen, maar ook vertelt dat Hijzelf die God is, die wij moeten dienen. En als Hij de uitverkorenen niet alleen leert om op te kijken naar God, maar ook laat zien wie die God is naar wie ze op moeten kijken.

Vanaf het begin heeft God daarom zijn kerk niet alleen de algemene bewijzen gegeven, maar ook zijn Woord. Want daardoor kunnen we beter en met meer zekerheid onderscheidden wie Hij is. Zonder twijfel is dit het hulpmiddel waardoor Adam, Noach, Abraham en de andere aartsvaders in staat waren God vertrouwelijk te leren kennen en waardoor zij zich tot op zekere hoogte onderscheidden van de ongelovigen.

Ik heb het nog niet over de speciale geloofsleer waardoor zij de hoop op het eeuwige leven leerden kennen. Want om van dood levend te worden, moesten ze God niet alleen als schepper, maar ook als verlosser kennen. En ze hebben Hem ook zeker op beide manieren leren kennen uit het Woord. Want het ging in deze volgorde: eerst kregen ze te horen wie de God is die de wereld geschapen heeft en bestuurt. En daarna kregen ze daarbij ook een diepere kennis. Daardoor leerden ze God niet alleen kennen als schepper en als enige bewerker en rechter van alles wat er gebeurt. Ze leerden Hem nu ook kennen als verlosser in de persoon van de middelaar. En alleen deze laatste kennis maakt dode zielen levend.

Maar omdat we nog niet toegekomen zijn aan de val van de wereld en het bederf van de natuur, ga ik nu ook het redmiddel nog niet behandelen. Mijn lezers mogen dus bedenken dat ik het nog niet heb over het verbond waardoor God de kinderen van Abraham als zijn eigen kinderen heeft geadopteerd. En ook nog niet over dat deel van de leer waardoor de gelovigen altijd afgescheiden zijn geweest van de goddeloze heidenen, omdat die leer Christus als fundament heeft. Ik heb het er nu alleen over hoe je uit de Schrift kunt leren dat de God die de wereld geschapen heeft, door duidelijke kenmerken met zekerheid te onderscheiden is van al die andere, verzonnen goden. De volgorde brengt ons daarna vanzelf op het juiste moment bij de verlossing.

Ik zal wel veel bewijzen uit het Nieuwe Testament aanvoeren en ook andere uit de wet en de profeten, waar Christus uitdrukkelijk genoemd wordt. Maar toch is dat dan steeds bedoeld om aan te tonen dat God ons in de Schrift geopenbaard wordt als de schepper van de wereld. En om te laten zien dat ons verteld wordt wat we over Hem moeten weten, zodat we niet langs omwegen gaan zoeken naar een of andere onzekere godheid.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. In 2019 heb ik bovendien een gedrukte versie en een e-bookversie uitgegeven.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.