Insitutie Boek 1 – God als schepper 1.11 – Beeldendienst 1.11.12 – Niet alle beeldende kunst is verkeerd

1.11.12 – Niet alle beeldende kunst is verkeerd

Toch neemt dit bijgeloof mij niet zo in beslag dat ik zou vinden dat we helemaal geen beelden mogen toelaten. De beeldhouwkunst en de schilderkunst zijn gaven van God. Maar daarom wil ik wel dat die beiden zuiver en op de juiste manier gebruikt worden. God heeft ze ons gegeven om Hem ermee te eren en voor ons welzijn. Ik wil daarom niet dat ze besmet worden door misbruik. Ik wil niet dat ze gebruikt worden om ons te bederven.

God in een zichtbare vorm afbeelden is volgens mij niet toegestaan. Hij heeft het zelf verboden. En het kan niet zonder zijn eer te ontheiligen. De beeldendienaars moeten niet denken dat ik met deze mening alleen sta. Als ze thuis zijn in de geschriften van gezonde schrijvers, zullen ze merken dat die het altijd allemaal afgekeurd hebben.

Als het zelfs niet toegestaan is God lichamelijk af te beelden, dan mag je zo’n afbeelding, of in die afbeelding God zelf, al helemaal niet dienen. Om te schilderen of te beeldhouwen blijven dus alleen die dingen over die je met de ogen kunt zien. Gods majesteit gaat de dingen die je met de ogen kunt waarnemen ver te boven. Die mag je dus niet met ongepaste vormen onteren.

Tot de dingen die wel afgebeeld mogen worden, horen aan de ene kant verhalen en gebeurtenissen. En aan de andere kant beelden en vormen van lichamen, zonder verwijzing naar bepaalde gebeurtenissen. De eerste categorie kan nuttig zijn bij het onderwijzen en vermanen. Ik zie niet in wat je aan de tweede categorie kunt hebben, behalve dan dat je ervan kunt genieten.

Toch staat vast dat bijna alle afbeeldingen die tot nu toe in kerkgebouwen tentoongesteld zijn tot die tweede categorie behoord hebben. Daaruit kun je opmaken dat ze daar niet zijn opgericht omdat daar goed over is nagedacht, maar uit een dwaze, onnadenkende begeerte. Ik zwijg er maar over hoe verkeerd en ongepast de meeste van die afbeeldingen gemaakt zijn en hoe bandeloos de schilders en beeldhouwers hun lusten daarin hebben botgevierd. Daarover heb ik het kort hiervóór al gehad. Nu zeg ik alleen dat ze geen enkel nut hebben voor het onderwijs, zelfs al zou er niets mis mee zijn.

Deze moderne vertaling van de Institutie van Johannes Calvijn heb ik tussen 2013 en 2018 paragraaf voor paragraaf op deze website geplaatst. Een verbeterde versie van deze vertaling is verkrijgbaar in druk en als e-book. Het zal nog even duren voor alle laatste correcties ook op de website doorgevoerd zijn.

Gerrit Veldman

Reageren

Schrijf hier je reactie.
Vul hier alsjeblieft je naam in

Johannes Calvijnhttp://institutie.gerritveldman.nl
De reformator Johannes Calvijn leefde van 1509 tot 1564. In 1536 verscheen de eerste versie van zijn Institutie, oftewel Onderwijs in de christelijke godsdienst. Vervolgens breidde hij het boek een aantal keer fors uit, tot in 1559 de definitieve versie verscheen.

Als je deze website bezoekt, worden er cookies op je apparaat geplaatst. Cookies die nodig zijn om deze site goed te laten werken of om anonieme statistieken bij te houden, worden altijd geplaatst. Maar voor cookies die gebruikt worden om jouw surfgedrag te registreren, moet je eerst toestemming geven. Meer informatie.